MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de Provincie Overijssel.
Zoeken
Uitgebreid zoeken

Izak Os (1870-1943), zakenman én socialist

Verhaal

In joodse kring is het de gewoonte iemand bij een feestelijke gebeurtenis toe te wensen: 'Tot 120 jaar!' Dit is een verwijzing naar de leeftijd die Mozes zou hebben bereikt. In december 1990 was het 120 jaar geleden dat mijn grootvader Izak Os, zakenman én socialist, in Zwolle werd geboren. Hij heeft, net zomin als miljoenen anderen die Mozaïsche leeftijd mogen bereiken.

Hij is, doodziek, als laatste Zwolse jood, op 27 mei 1943 uit zijn huis in de Derk Buismanstraat 10 gehaald. Samen met zijn vrouw Lea maakte hij de tocht naar Westerbork per ambulance (De N.V. grafkisten- en meubelfabriek v/h fa. H. van Breemen, afd. ziekenvervoer, kreeg er later van de gemeente Zwolle het bedrag van ƒ 70,- voor.). Hij stierf in Sobibor.

Mijn broer Igor heeft in zijn boek Van Zwolle tot Brest-Litowsk voor opa Izak een monument opgericht. Hij heeft hem beschreven en herdacht op zijn manier. Ik kan het portret alleen nog maar met wat feiten en herinneringen aanvullen. Izak Os was een opa zoals elk kind zich zou wensen: klein, oud en grijs, zijn kleinkinderen verwennend. Het was een gauw ontroerde man die zich het best op zijn gemak voelde als hij op straat of in de eigen huiskamer plat-Zwols kon spreken.

Izak Os en de politiek

Zijn meest bekende politieke daad is - en hij heeft het graag en vaak verteld - dat hij bij de oprichting van de SDAP op 26 augustus 1894 in zaal 'De Atlas' op de Zwolse Ossenmarkt aanwezig was. (De naamsovereenkomst vertelde hij er ook altijd met glimoogjes bij!). En honderden malen kwam dan: 'Ik hoorde dan wel niet bij de twaalf apostelen, maar ik was toch zeker de dertiende'. (De twaalf oprichters van de SDAP werden spottend de twaalf apostelen genoemd. Later werd het een erenaam.) En of het waar is dat Troelstra bij hem heeft overnacht? Mijn grootvader heeft het me zelf verteld en dat mag ik dan toch niet, na zoveel jaren, in twijfel trekken? 

Al jong kwam Izak bij de socialistische beweging. Dat was voor een beginnend zakenman toch wel iets bijzonders. In die tijd moet hij in het provinciale, kleinsteedse Zwolle al een vrij bekende figuur zijn geweest. De oorsprong van de later door iedereen gekende Oom Izak is toen gelegd.

Voor oma Lea werd het wel eens teveel. Zij had de zorg voor het gezin (Het gezin van Izak Os en Lea Spits bestond uit: Abraham (1890, na 3 weken overleden), Marianne (1891), Jochem (1893), Clara (1895), Rika (1897) en Truus (1899; mijn moeder).),  er waren vaak financiële problemen en steeds weer verhuizingen. (De straten waar de familie woonde, weerspiegelen het al of niet succes hebben in zaken.) Daarbij waren er de vele partijgenoten die, meestal onverwachts, langs kwamen, mee aten en bleven logeren.

Izak Os is tweeëneenhalf jaar lid van de Zwolse gemeenteraad geweest. In familiekring is daar wel eens goedmoedig-spottend over gepraat. Opa zou niet zo vaak z'n mond hebben opengedaan en hij zou nogal eens door afwezigheid geschitterd hebben. Ik heb nu eens alle raadsverslagen van de jaren 1919 tot en met 1922 doorgenomen en kwam tot de conclusie dat Izak Os wel degelijk zijn mond heeft opengedaan. Weliswaar sprak hij niet zo vaak als Leenden Lansink of Jos Vogt, maar toch. Bovendien bleek dat opa bij 74% van de vergaderingen aanwezig is geweest. Dat is voor een druk bezet zakenman een niet onaardige score.

In de tijd dat Izak in de gemeenteraad zat, was mr. dr. I.A. van Roijen burgemeester. Men vergaderde veel: vier raadsvergaderingen per maand waren geen uitzondering. De onderwerpen liepen uiteen, zoals de onderwerpen ook nu nog uiteen lopen. Izak Os sprak in die jaren, zoals Igor al memoreerde, inderdaad over de brandweer. Hij pleitte voor het invoeren van een achturige werkdag voor het vaste brandweerpersoneel. Ook wilde hij graag spreken over de kermis, maar dat lukte niet. 'Reeds 14 maal heeft dit punt op de agenda gestaan, maar nooit komt het in behandeling', klaagde hij.

In de notulen van de raadsvergaderingen vond ik echter ook andere, zeer principiële standpunten. Bij de benoeming van bestuursleden van de gasthuizen merkten de socialisten bij monde van Izak Os op, dat er nooit sociaaldemocraten werden voorgedragen. Indien dit zo bleef, zei hij, zou de fractie van de SDAP met eigen kandidaten komen. Dit dreigement werkte, want in diezelfde vergadering werd I. Os, buiten de aanbeveling van B&W om, benoemd tot lid van de Commissie van Toezicht op de Bank van Leening.

Een halfjaar later werd, eveneens buiten de aanbeveling om, ds. Horreüs de Haas tot lid van het bestuur van het Hervormd Weeshuis benoemd. In het jaar daarop, toen weer de benoeming van een bestuurslid voor de gasthuizen op de agenda stond, 'meent dhr. Os dat in het bestuur ook iemand zitting moet hebben, die bekend is met de noden en behoeften van de arbeiders en die zelf geboren is uit die groep van de bevolking, waaruit ook de bewoners van de Gasthuizen voortkomen'. Bovendien wilden de socialisten een vrouw in het bestuur. Op voorstel van de heer Os werd de aanbeveling teruggezonden naar het bestuur met het verzoek een nieuwe voordracht in te dienen. De burgemeester reageerde geïrriteerd.

Ook het voorstel om marktkooplieden, die ƒ 30,- a ƒ 40,- marktgeld moesten betalen, dit bedrag in vier keer in plaats van in één keer te laten betalen, kwam van zijn hand. 'Dat bedrag is meer dan het hele bedrijfskapitaal van sommigen hunner bedraagt', zo stelde hij. Verder sprak hij mee over de meest uiteenlopende onderwerpen. Hij sprak over de smeerboel op de vrijdagse beestenmarkt en over de spoedige verplaatsing van die veemarkt: 'Er is voor werkloze arbeiders weinig of niets meer te vinden. Men zou goed werk doen door nu met het in orde maken van het nieuwe terrein te beginnen'. Hij sprak mee over christelijke bioscoopvoorstellingen voor de schooljeugd, over de standplaats van de handelaren in ijswafels en over het al of niet in één pand verkopen van bevroren, Argentijns vlees en inlands vlees. Ook bij de verhitte en langdurige (en na 70 jaar vermakelijke) discussies over het weer invoeren van de kermis roerde hij zich. Die kermis was enige jaren eerder afgeschaft, voornamelijk vanwege het ermee gepaard gaande drankmisbruik. Bovendien 'is een kermis uit de tijd', zo werd er gezegd. Izak Os deed een voorstel 'om een waardig en veredeld volksfeest in te stellen wat alle lagen der bevolking kan bevredigen'.

Op 10 april 1922 nam Izak Os afscheid van de gemeenteraad. Burgemeester Van Roijen wijdde op die datum enkele afscheidswoorden aan het vertrekkende raadslid de heer Os.

Jodendom

Heeft het jodendom een belangrijke rol gespeeld in het leven van Izak Os? Jazeker. Hij was jood en wilde dat ook zijn, al had hij zijn vrienden in veel ruimere kring. Het viel hem soms moeilijk grenzen te trekken. Het huwelijk van mijn ouders (mijn vader was geen jood) heeft hij proberen tegen te houden. Zijn verzet hielp niet en mijn geboorte in 1928 zorgde weer voor de goede en zeer warme familieverstandhouding.

Ik herinner mij het grote feest op 5 december 1939. Oma Lea en opa Izak waren 50 jaar getrouwd en opa was die dag 45 jaar lid van de partij. In Het Volk, in Voorwaarts en in de Zwolsche Courant verschenen er artikelen over. De familie zong het bruidspaar toe: 'O, Papa, ga nog jaren naar Palvu heen, Eekwal toch wel bekend, zoolang U leeft strijd voor Uw ideaal, Strijd voort steeds zonder end' ('PALVU' (= Proletariërs Aller Landen Verenigt U), destijds het eigen partijgebouw van de Zwolse SDAP op de Eekwal 29), er komen stapels post en telegrammen en er komen veel, zéér veel vrienden en bekenden die oma en opa nog vele goede jaren toewensen. Vijf maanden later begon de Tweede Wereldoorlog.

Ik herinner mij nog de verschrikkelijke wond aan zijn been (hij leed aan suikerziekte), de lucht die er in dat kleine kamertje hing en de zorg en de liefde die zijn dochter Clara hem tot het laatst toe gaf. Zij wilde en zij moest hem ook wel verzorgen, verplegen en verbinden. Hulp van niet-joodse zijde was verboden. Eind mei 1943 werden opa en oma naar Westerbork vervoerd. De laatste briefkaart ontving mijn moeder op 5 juni. Een maand later heeft hij met zijn vrouw de lange reis naar Polen moeten maken. Ik weet niet of hij bij aankomst in Sobibor nog leefde. Ik hoop het niet. Ik denk nog vaak aan hem. Zeker nu er in Zwolle een Izak Osstraat is gekomen. Maar ik hoef daar niet doorheen te fietsen om hem weer voor me te zien. Vele jaren na de oorlog is er op de joodse begraafplaats in Herfte een steen geplaatst, waarop alle omgebrachte leden van de familie Os zijn vermeld. Opa Izak, oma Lea en al die anderen...

*Dit artikel van Wil Cornelissen is eerder verschenen in het Zwols Historisch Tijdschrift (orgaan van de Zwolse Historische Vereniging) 1992, nr. 2 en in het PvdA-blad, afdeling Zwolle, december 1990.

Auteur:Wil Cornelissen
Trefwoorden:Gemeenteraad, Tweede Wereldoorlog, WOII, Socialist, Atlas, Joods, Jodendom
Personen:lea spits, clara os
Periode:1870-1943
Digitaliseren Embed
Digitaliseren
Embed