MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Ben Kaptein: 'Voor boeren met minder melk was de varkenshouderij van groot belang'

Verhaal

'Vanuit de coöperatie hield ik mij vooral bezig met de voeding van de varkens. Die stond in nauw verband met de gezondheid. In die jaren had je om de circa vier jaar een uitbraak van salmonella, griep of Aujeszky. De ziekte van Aujeszky is zelfs voor het eerst in Twente ontdekt. Dan kreeg je op kantoor het bericht dat de varkens niet voldoende wilden vreten of aan de diarree waren. Vaak dachten de boeren dat het van het voer kwam, maar dat kwam praktisch niet voor. Uitgesloten is het nooit, maar wij gingen na wat het anders kon zijn. Wij namen ook wel mestmonsters af. De uitslag daarvan kwam ook bij de veearts, zodat hij eventueel de behandeling met geneesmiddelen in gang kon zetten.

Ik heb ook een keer meegemaakt dat een boerin zei dat de varkens het voer niet wilden opnemen. Het probleem deed zich alleen in één van beide varkensschuren voor. Ik zei tegen de boerin: “Doe maar rustig aan. Het kon nog wel meevallen.” Ik zag aan de stand van de ogen en het haar dat die zeug geen water had gekregen. Ik zei: “Zullen we eens even kijken of de zelfdrinker ook verstopt is?” Nou, dat kon niet, want die hadden ze zaterdag gemaakt. Wat was er gebeurt? Ze hadden hem niet weer aangesloten. Dan kan een zeug geen zog meer geven. Ik zei: “Nu niet ineens die kraan opendraaien. Geef eerst maar eens een halve emmer lauw water. Anders neemt zo’n dier veel te veel water tegelijk op.”

De boeren begonnen zich steeds meer te specialiseren. Voor de veehouderij werd de oppervlakte van het bedrijf steeds belangrijker. Er was steeds meer grond nodig om al die beesten te kunnen voeden en de mest kwijt te raken. Als men die kant op wilden, adviseerde je het aantal varkens of kippen te stabiliseren totdat de veestapel voldoende was uitgebreid. Daarna konden ze de varkens of kippen wegdoen. Anderen hielden juist meerdere bedrijfstakken aan. Dat was helemaal niet zo’n verkeerde uitgangssituatie. De rundveehouderij was op een gegeven moment aan het melkquotum gebonden. Voor de boeren die niet zoveel melk mochten leveren, was bijvoorbeeld de varkenshouderij van groot belang. Er kwam steeds grotere varkensstallen. Ik ging wel eens met boeren naar het Zuiden van het land om te kijken hoe ze daar stallen bouwden. In Brabant liepen ze toch wat voor. Dat heb ik verschillende keren gedaan.'

Trefwoorden:Landbouwvoorlichting, Varkens, Project Streekcultuur, Bedrijf
Periode:1960-1995
Locatie:Twente, Almelo
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand