MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Arie Ooms: 'Boeren in Overijssel waren redelijk vooruitstrevend'

Verhaal

'De ontwikkelingen in de landbouw zijn erg hard gegaan. Na de oorlog – er was veel honger geleden – lag maatschappelijk gezien het accent op voedselproductie. De eerste opdracht was om zoveel en efficiënt mogelijk te produceren. Daar heeft de overheid een enorme impuls aan gegeven. Daarbij was vooral onderzoek, onderwijs en voorlichting van groot belang, het zogenaamde OVO-drieluik. Je had toen nog de rijkslandbouwvoorlichting: de voorlichters stimuleerden allerlei nieuwe ontwikkelingen. Voor de vrouwen waren de landbouwhuishoudscholen van groot belang. Toen ik bestuurslid werd van de OLM hadden we – geloof ik – nog acht landbouwscholen. Dergelijke instituten hebben eraan bijgedragen dat de landbouw in Nederland pas hield met andere ontwikkelingen in de maatschappij. 

In mijn beleving waren de boeren in Overijssel redelijk vooruitstrevend. Ze zijn wat terughoudend, even de kat uit de boom kijken, maar als het erop aankomt nemen ze vrij gauw een beslissing. Of ze meegingen met bepaalde ontwikkelingen was ook afhankelijk van of je al dan niet een bedrijfsopvolger hebt en of er uitbreidingsmogelijkheden in de omgeving zijn. Hoeveel stadsboeren telde Overijssel vroeger wel niet? Neem Kampen bijvoorbeeld, maar ook middenin Wierden en Rijsssen zaten vroeger boeren. Al die ontwikkelingen komen op de boer af en daar tegenover moet hij zijn houding bepalen.

De ontwikkelingen verschillen per streek. De boeren langs de IJssel bijvoorbeeld hadden vanouds een voorsprong, omdat ze betere kwaliteit gronden hadden. Maar dat zegt niet alles. Boeren die hun gebouwen en grond in eigendom hadden en vanuit het verleden gewend waren veel met personeel te werken, daar zijn er niet zoveel van overgebleven. Een pachter moet er elk jaar voor zorgen dat er pacht op tafel komt. De grote boeren op de betere gronden waren vaak paardenliefhebbers. Ze waren druk met paardenfokken, keuringen en dat soort zaken. Dat gaf status. Het andere werk had een lagere prioriteit. Pachters waren doorgaans minder paardenmensen dan eigenaren. Het pachtstelsel prikkelt de ondernemingszin, zoals werken met vreemd kapitaal de beste ondernemers voortbrengt.'

Trefwoorden:Terugblik, Project Streekcultuur, Omgeving
Personen:Arie Ooms
Periode:1950-2000