MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Minder populair: Belastingen

Verhaal

In deze jaren is de datum van 1 april of sinds kort 1 mei bekend vanwege het feit dat iedere belastingplichtige op deze dag de gegevens van het afgelopen jaar in moet sturen. Rond 1900 waren belastingplichtigen evenmin blij met dat jaarlijkse fenomeen: belasting

Arm of rijk het is een omngeschreven regel: belasting betalen hoort er nu eenmaal bij. Nu kennen we vooral de loonbelasting maar eigenlijk zit het betalen van belasting ragfijn in van alles en nog wat ingeweven. Er is geen ontkomen aan. Alleen de oude sok lijkt nog een veilige haven als het tenminste niet met tonnen tegelijk van de rekening wordt gehaald en in de sok wordt gestopt.

In de gemeente Stad Vollenhove moest rond 1900 ook geld in het laatje komen om de gemeentelijke molen draaiende te houden. De jaaromzet van de gemeente ligt om en nabij de 20.000 gulden. Er waren verschillende soorten belasting die geheven konden worden. De meest bekende was de hoofdelijke omslag.

Daarna volgden: havengeld, belasting voor een hond, roggepacht, boterpacht, bewaarplaats voor petroleum en dan nog de mogelijkheid om opcenten in rekening te brengen als de gemeentelijke begroting erg knel kwam te zitten.

Vooral de belastingsoorten waar iedereen mee te maken had: hoofdelijke omslag, havengeld en belasting voor een hond lagen gevoelig. Meestal werden deze belastingen dan ook in een ,,vergadering met gesloten deuren" vastgesteld. Met de hoofdelijke omslag werd jaarlijks ongeveer 3.000 gulden binnengehaald en met het havengeld ongeveer 1.500 gulden.

Het College van Zetters had in de voorafgaande periode de nodige gegevens bijeengebracht en op basis hiervan kon de aanslag worden vastgesteld. 

De meeste belastingen zijn jaar en dag hetzelfde, een nieuwkomer is de belasting op de bewaarplaats voor petroleum. De gemeente ruikt geld en buit deze nieuwe bron van inkomsten graag uit. Jaarlijks stroomt er weer een paar gulden in de gemeentelijke schatkist.

Aan al deze belastingen zit een hele administratie vast. Misschien maakt het dat de administratie soms nog duurder is dan de opbrengsten van bepaalde bedragen. Bij iedere verhuismutatie die korter of langer duurt of permanent is zal er een verzoekschrift (adres) worden ingediend om de hoofdelijke aanslag aan te passen voor de periode dat de opsteller van het verzoekschrift buiten de gemeente verblijft. Dat kan allerlei redenen hebben: verhuizen, tijdelijk werk elders, verpleging in een ziekenhuis in Zwolle of Utrecht (Academisch ziekenhuis). 

Ook voor het havengeld was het mogelijk om in beroep te gaan. Dat levert een beetje een chaotisch beeld op omdat nooit met zekerheid was vast te stellen of het verhaal sluitend is. Geen enkel schip was geregistreerd. Dat kwam langzaam maar zeker wel van de grond. Alle schepen kregen een unieke letter en cijfercombinatie. Deze stellige uitspraak moet inmiddels enigszins genuanceerd worden. Tussen 1892 en 1895 is van 10 schepen de registratie bekend doorgaans alleen een nummer, incidenteel ook de letters VN en het nummer. De nummers komen voor in de verslagen van de gemeenteraad omdat de eigenaar een verzoek indiende om de aanpassing van het havengeld.

1892: VN no 74, 1893: no 41 en no 83, 1894: no 23, no 86 en 172 en no 132, 1895: VN no 24, no 50 en no 143.

De VN no 24 was in 1895 van Jan Jongman. Bij de andere nummers zijn de eigenaren ook te achterhalen.

Op een later tijdstip, zeker 10 jaar later komt er een herhaling om de schepen eenduidig te registreren, kennelijk werd er niet heel erg nauwlettend op toegezien en verwaterde het systeem.

Maar er zal heus wel eens een punter doorheen geschoten zijn. Vollenhove lag vlakbij Blokzijl, het komt met regelmaat voor dat een schuit van Veno in Blokzijl in de haven was afgemeerd en omgekeerd. Maar nu de schuiten die in de haven van Veno liggen maar meer wrakhout dan schip zijn? Geen haan die er meer naar kraait en langzaam maar zeker worden het onderzeeërs zeer tot ongenoegen van de gemeente en andere schippers die tussen dat wrakhout door moeten zien te laveren. Ook dat bracht de roep om een sluitende administratie een stuk dichterbij.

Voor honden geldt hetzelfde, iemand die in april een hond aanschaft hoeft niet voor het hele jaar te betalen om eens iets te noemen.

Afkopen van belastingen was mogelijk: roggepacht, boterpacht en op de uitgang. Waarschijnlijk was afkoop alleen mogelijk als het om kleine bedragen ging.

Misschien geen directe vorm van belasting maar dan toch zeker indirect: schoolgeld, hier waren drie klassen voor opgesteld. Vermogend (klasse 1), rijk (klasse 2) en arm (klasse 3). 

Het College van Zetters is al genoemd, jaarlijks worden de leden van de Commissie reclames hoofdelijke omslag aangezocht en benoemd. Deze commissie onderzoekt de ingekomen bezwaarschriften en adviseert het College van Burgemeester en Wethouders om in te gaan op het verzoek of de aanslag te handhaven. 

Het is een zeldzaamheid als er een advocaat aan te pas moet komen, en als dat het geval was dan moest er ook nog een gespecialiseerde advocaat optreden omdat niet iedereen exact op de hoogte is met boter- of roggepacht. Beide vormen van pacht werden ook opgelegd aan ingezetenen van buiten de gemeente Stad Vollenhove die toch een perceel grond binnen de gemeente in eigendom hebben.

De opcenten waren een noodmaatregel, zoveel is wel duidelijk. Bij de huidige motorrijtuigenbelasting int het rijk de belasting maar lift de provincie via de opcenten mee en haalt zo extra geld binnen voor de provinciale begroting. Opcenten zijn daarmee een structuureel onderdeel van de motorrijtuigenbelasting. Bij de opcenten in Stad Vollenhove gaat het om een ,,gelegenheidsbelasting" als duidelijk wordt dat het een krap jaar wordt dan gaat het belastingtarief toch al omhoog maar kan nog worden aangevuld met opcenten. De vraag is gerechtvaardigd of er een ,,bandbreedte" was waarbinnen dit geoorloofd was. Nu moet een gemeente rekening houden met het inflatiepercentage.

UItzonderingen waren mogelijk: De scheepstimmerman die een paar boten in eigen gebruik had kon om vrijstelling van het havengeld vragen, de ijsboot (ijsbreker) die door de vissers gezamenlijk was aangeschaft kreeg ook vrijstelling van het havengeld. En de aannemer die met zijn werkschuit in de haven lag hoefde evenmin bang te zijn voor een aanslag. Stad Vollenhove moest zeker op de kleintjes letten maar er was ook oog voor bijzondere omstandigheden.

Bijdrage geplaatst: 28 mei 2016

Afbeelding: voormalig stadhuis Vollenhove en restaurant Seidel, Kerkplein Vollenhove.

Trefwoorden:Belasting
Periode:1892-1939
Locatie:Vollenhove