MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

De raadsgriffier van Steenwijkerland

Verhaal

Kijken naar een raadsvoorstel uit 1872 van de gemeente Stad Vollenhove kan dat anno 2016, Annet ten Hoff de raadsgriffier van Steenwijkerland doet dat. Lees met haar mee.

Verbazing, Spanningsveld en Uitdaging

 

Op welke manier kijk je anno 2016 als raadsgriffier naar een raadsvoorstel uit 1872 van de gemeente Stad Vollenhove? Sinds 2012 is Annet ten Hoff raadsgriffier van de gemeente Steenwijkerland, neemt een sprong terug in de tijd en kijkt met enige verbazing naar de eenvoud van het raadsvoorstel dat haar wordt voorgelegd.

Het gaat om een rondvraag en een voorstel. In de rondvraag wordt de vraag gesteld of het niet wenselijk zou zijn om in de gemeente straatverlichting te plaatsen. De raad stelt een commissie van Advies in om de raad de voor- en nadelen van een dergelijk verzoek voor te leggen waarna de raad een weloverwogen besluit zou kunnen nemen. Bij de eerstvolgende raadsvergadering, drie weken later, ligt er een raadsvoorstel. En heel gebruikelijk voor die tijd de voorzitter leest het voorstel voor. Er komt straatverlichting, de kosten worden begroot op 525 gulden voor 13 straatlantaarns (paal, ijzeren arm en lamp) à 34 gulden per stuk.

Verder geen onderbouwing van nut en noodzaak, geen plan waar de straatverlichting geplaatst zal gaan worden, geen financiële dekking. Hiermee worden ook vrijwel direct de belangrijkste verschillen tussen 1872 en 2016 duidelijk. Ieder raadsvoorstel dat nu naar de raad gaat moet voorzien zijn van nut en noodzaak en voorzien zijn van een financiële onderbouwing. Dat laatste lijkt in het voorbeeld uit 1872 bijna overbodig omdat het benodigde geld bijeengebracht moet worden via de uitgifte van 21 aandelen van 25 gulden af te lossen in 10 jaar tijd. De financiële component zit in het feit dat de gemeente opcenten op de hoofdelijke omslag gaat heffen. De hoofdelijke omslag is de inkomstenbelasting van die tijd. Zouden we het ons nu nog voor kunnen stellen dat een gemeente door middel van crowdfunding een van haar publieke taken laat financieren?

In 1872 is het allemaal heel overzichtelijk, dat er belangstelling is blijkt: de 21 aandelen zijn snel uitgegeven en niet veel later gaat de lantaarnopsteker aan het werk. En daar zitten ook enkele hiaten in het raadsvoorstel: kosten van onderhoud, brandstof en een jaarwedde voor de lantaarnopsteker. Straatverlichting wordt alleen ontstoken tussen vijf uur ’s middags en elf uur ’s avonds en tussen eind september en begin maart. De lantaarnopsteker maakt per dag twee rondes: aansteken en doven, en de palen worden tijdens de zomermaanden ergens opgeslagen.

 

Bij de uitbreiding van het aantal palen wordt al helemaal niet meer over kosten gerept laat staan dat er een krediet wordt gevoteerd of een begrotingswijziging naar de raad gaat.

 

Iedere vergelijking van 1872 en 2016 zou dus ook met gemak mank kunnen gaan. Een raadsvoorstel zoals dat nu naar de raad gaat wordt ambtelijk grondig voorbereid en dat neemt al snel 3 tot 6 maanden tijd in beslag. Daarna is het College van Burgemeester & Wethouders aan zet om het voorstel te bespreken en door te geleiden naar de raad voor besluitvorming. Dat is het moment waarop de raadsgriffie als schakel tussen College en Raad in beeld komt. Soms kunnen voorstellen ook voor nadere gedachtewisseling worden aangeboden en gaat het om het bepalen van de lange termijn, de toekomst van de Weerribben als Nationaal Park is zo’n onderwerp. Annet vindt het als raadsgriffier ook van belang om met zoveel als mogelijk belanghebbenden van gedachten te wisselen en het onderwerp uiteindelijk zo op de agenda te plaatsen dat de belanghebbende ook weet wanneer het onderwerp in de raad aan de orde komt. Politieke markten geven raad en inwoners/ organisaties de mogelijkheid om tijdig te horen wat er leeft en speelt.

 

De raad kan besluiten om van voorstellen hamerstukken te maken waarna deze in de raadsvergadering door de burgemeester, als voorzitter van de raadsvergadering, formeel worden afgehamerd als genomen besluit. De bespreekpunten geven de raadsleden de gelegenheid om plenair nog eens van gedachten te wisselen en hun politieke standpunten onder de aandacht te brengen.

 

Bij de besluitvorming wordt steevast de volgorde aangehouden dat eerst de amendementen in stemming worden gebracht, daarna het voorstel van het College en tot slot de moties. Dat is een technisch aspect maar de logica leert dat het je begint met het minst zware middel in stelling te brengen en door middel van een amendement kleine wijzigingen in het voorstel probeert aan te brengen. Als de amendementen het bij raadsmeerderheid niet halen dan komt het hele voorstel van het College in stemming. Daarna blijft het gewichtige middel van een motie nog over. Het is aan de portefeuillehouder om een motie wel of niet uit te voeren.

Vooraf heeft het College echter al een inschatting gemaakt hoe de stemverhouding in de raad zal liggen. Een coalitie heeft per definitie de meerderheid in de raad maar een brede raadsmeerderheid is wel zo prettig en in het algemeen belang.

 

De griffier bewaakt deze processen tijdens de raadsvergadering zodat de vergadering een ordentelijk verloop kent naar de burgers en belangstellenden toe en een raadsdebat op niveau mogen verwachten.

 

De griffier als spil in het web, aangesteld door de raad, eerste aanspreekpunt van de raad en adviseur van de raad. Het is de uitdaging om die rol goed in te kunnen vullen en bij tijd en wijle advies te kunnen geven op welke wijze een raad om kan gaan met een raadsvoorstel. Maar ook een raadslid of raadsfractie kan bij de griffier terecht om advies.

Na de invoering van het dualisme medio 2003 maakt de raadsgriffie vast onderdeel uit van de gemeenteraad met een eigen gezicht en een griffier die opkomt voor de belangen van de raad. 1872 is voltooid verleden tijd, de raad bestaat niet langer uit de welgestelden van de samenleving maar uit inwoners van die zelfde samenleving.

Op de schaalgrootte van stad Vollenhove in 1872 kwamen de burgemeester, wethouders, raadsleden elkaar waarschijnlijk in een aantal netwerken steeds weer tegen: kerk, burger weeshuis, waterschap en andere netwerken. De raadsleden van anno 2016 zullen ook hun voelsprieten in de samenleving moeten hebben om te weten welke kant zij uit willen met de gemeente.

 

Hoe zei scheidend burgemeester Van der Tas het ook al weer: ,,Steenwijkerland een mooie kleurrijke gemeente de moeite waard om je er voor in te zetten”.

bijdrage geplaatst: 6 september 2016

afbeelding: auteur

Trefwoorden:Raadsgriffier
Periode:1872-2016
Locatie:Vollenhove