MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Ypromp: een vreemde vogel in de Deventer Cameraarsrekeningen

Verhaal

Ypromp: een vreemde vogel in de Deventer Cameraarsrekeningen

In de Deventer wijk Knutteldorp zien we een wonderlijke straatnaam: Yprompstraat. De verklaring die gegeven wordt in de Lijst van straten in Deventer op Wikipedia is “plaatselijke naam voor roerdomp”. Oké, dat is vreemd, want deze straat bevindt zich midden in een wijk met allerlei historische verwijzingen, zoals we daar hebben: Grootburgerstraat, Teugseplein (genoemd naar de stadsweide), Bergweideplein, Bellendonkplein (een wei ten zuiden van Deventer). Dus om dan zomaar een vogel te vernoemen is wel, op zijn zachtst gezegd, opvallend.

Nu schrijf ik hierover omdat ik hier een gelegenheid zie een link te leggen naar de oude Deventer Cameraarsrekeningen https://www.archieven.nl/nl/zoeken?mivast=0&mizig=210&miadt=45&micode=0698&miview=inv2#inv3t2, de jaarrekeningen van de stad. Onlangs zijn de transcripties afgekomen van elk vijfde jaar tussen 1449-1624, een taak die ondergetekende en Rinus Prinsen op zich genomen hebben (1). Het blijkt dat Ypromp, op allerlei verschillende wijzen gespeld, in vrijwel elk jaar voorkomt in die rekeningen. Het was de naam van een stukje land dat de stad verpachtte. En dat is natuurlijk de reden voor de straatnaam. Maar wat heeft het dan te maken met de bovengenoemde vogel?

Roerdomp
Laten we eens even verder graven. Het Middelnederlandsch Handwoordenboek van Verdam geeft geen opheldering, want daar wordt “pitoor” of ookwel "butoor" als een oude benaming gegeven voor de roerdomp. De officiele Latijnse naam  Botaurus stellaris lijkt ook gebaseerd op dit woord. Niks over ypromp te vinden. De missing link wordt echter gelegd door de 19e eeuwse dialectoloog Johan Winkler. Die legt uit dat het woord pitoor in de Saksische dialecten van Salland en Twente evolueert tot iperon of ipromp, en in het Hoogduits tot ibrum (2). In het Platduits, zoals het in Nedersaksen nog her en der gesproken wordt, wordt de variant iprump gebruikt voor de roerdomp. Goed, nu weten we dat ypromp inderdaad toch naar de roerdomp verwijst. Het toeval wil dat ik, net als vele andere Nederlanders, juist in deze periode een cadeautje van de Postcodeloterij in de brievenbus kreeg: een vogelgids. Tot mijn verrassing staat er bij de roerdomp, behalve dat dit een zeldzame steltloper in rietvelden is, ook dat hij herkenbaar is aan zijn markante roep die klinkt als “i-proemp”......! Het geluid is na te bootsen door over een flessenhals te blazen, voor wie niet direct weet hoe iproemp klinkt.

roerdomp

Roerdomp (illustratie Vogelbescherming)

Maar de naam werd dus ook gebruikt voor een stukje hooiland bij Deventer. Toen ik nog wat verder zocht, vond ik nog drie gebieden met een dergelijke naam. Tweemaal Iprump op een moderne kaart van Duitsland, één is een veld langs de rivier de Hunte bij Oldenburg en de ander is 30 kilometer oostelijker een stadswijk van Delmenhorst, in een waterrijk gebied bij Bremen. En verder is er nog een historische vermelding uit 1719 van de Ypromp bij Stokkum en Markelo https://www.shm.nl/hofmarken/markelo/pdf/markeboeken/markeboek_stokkum_herike_1602_1763.pdf. Als ik het goed zie betreft dit de broeklanden langs de Schipbeek, die overigens in Deventer in de IJssel uitmondt. Meer meldingen van de naam heb ik niet kunnen traceren.

Deventer Cameraarsrekeningen
We zullen eerst moeten uitvogelen, om eens een woordspeling te gebruiken, waar het gebied Ypromp bij Deventer eigenlijk lag. Op de bekende historische kaarten is het niet te vinden. De Cameraarsrekeningen geven echter wel een paar aanwijzingen: in alle jaren staat het gesorteerd onder de landen “dezer zijds” van de IJssel, op de oostelijke oever dus. Het grenst aan de Teuge (de stadsweide aan de zuidzijde van Deventer aan de IJssel) en ook aan het Koerhuis op de grens met Gelre aan de Schipbeek; het ligt naast het klooster Ter Honnepe en vlakbij de Landweer (een verdedigingslinie van sloten en wallen met hagen erop). Het wordt gebruikt als hooiland, verdeeld in 3 en later 2 stukken die soms verpacht worden. Veel van de geografische elementen zijn op onderstaande kaart te vinden.

kaart gebied Deventer 1567

Joannes van Deutecom, Profiel van Deventer 1567. De Teuge, het Koerhuis en Ter Honnepe staan op de kaart, de Ypromp moet ongeveer bij het kruis liggen.

De 33 getranscribeerde jaarrekeningen uit de periode 1449-1624 hebben in vrijwel alle jaren één of meerdere meldingen van Ypromp, op diverse manieren geschreven (iprump, yprump, ijpromp, etc). Een uitzondering is 1449, toen het 2x als “pijpromp” voorkwam. We lezen dat toen de Schepenen op inspectie naar de Pijpromp gegaan waren om dat stuk land “an bloeken te slane”, te verdelen in behapbare stukken die verpacht konden worden. Na afloop van de inspectie dronken de heren flink wat wijn in de stadsherberg de Steerne en zo komt dat in de jaarrekening terecht. De tweede melding dat jaar is over Johan Kuer, wellicht de wachter op het Koerhuis, “die halp dat hoy uyt den Pijpromp ende uyt die ruyneweyde [de paardenwei] halen ende in den berch vlyen [in de hooiberg te leggen]”. Hij kreeg betaald voor 6½ dag werk. Het hooi ging rechtsstreeks naar de stadspaarden, want er staan geen inkomsten genoteerd.

Rekening uit het jaar 1449-2, fol 13r. NL-DvHCO, HCO Stadsarchief Deventer, ID 0698, Cameraars, inv.nr. 1. 20, scan 139. In regel 2 en 3 staat geschreven dat Johan Kuer hooide op de Ypromp (Pijpromp).

Vanaf 1464 zien we een onafgebroken reeks vermeldingen van Ypromp en de bedragen die het stukje land de stad opleverde. Het wordt meestal verpacht aan particulieren, soms houdt de stad het hooi zelf en wordt het veld niet verpacht. Tussen 1479 en 1514 is er sprake van stroken grond bij de Ypromp die gebruikt worden door het Sint Jurrien Gasthuis. Dit was een ziekenhuis voor lepra patienten, gesticht in de 14e eeuw op een terpje buiten de stad aan de tegenwoordige Snipperlingsdijk. Rond 1600 gaat het Sint Elisabeths Gasthuis gaat de Ypromp een poos pachten, daarmee komt de opbrengst ten goede aan de geesteszieken van de stad.

Als in 1614 de verdedigingswal bij de stad wordt versterkt, moet een stuk van de gemeenschappelijke weide Teuge afgegraven worden. Om toch voldoende weidegrond voor het vee over te houden worden ter compensatie andere stukken grond (zoals Ypromp, Bellendonk en landen langs de Schipbeek) bij de Teuge gevoegd (3). Het gebruik van de naam Ypromp in de Cameraarsrekeningen is daarna opgehouden.

Kunnen we concluderen dat de naam van het stukje stadsland afgeleid is van de ypromp, de “i-proemp” roepende vogel die er zich in de rietvelden ophield? De Deventer straatnaam houdt in elk geval de oude veldnaam nog in ere.

Koerhuis bij Deventer 1744 door Jan de Beijer. De tekening is de situatie van anderhalve eeuw nadat de naam Ypromp nog voorkwam. Het stukje land heeft daar in de buurt gelegen, tegenwoordig ergens tussen de A1, Zutphenseweg en industrieterrein Kloosterlanden.


Voetnoten:
(1) In totaal hebben we 33 jaren van de Deventer jaarrekeningen gedaan. De jaren 1459, 1549 en 1574 ontbreken in het archief en bovendien mist het jaar 1454 in onze reeks, omdat er online al een getypte transcriptie aanwezig is. Het jaar 1558 is door ons als extra jaar toegevoegd. Wie belangstelling heeft voor de transcripties kan mij benaderen via hettykrol@gmail.com
(2) Winkler wordt aangehaald in het lexicografisch tijdschrift Loquela (1884), 12: 99
(3) Hendrik Kronenberg, Deventer weiderechten (proefschrift Leiden, 1902), 3

Auteur:Hetty Krol
Trefwoorden:Deventer, veldnamen, Cameraarsrekeningen, roerdomp, 15e -16e eeuw, ypromp
Periode:1/1/1449-1/5/1625