MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Rentmeester Jan Zandvoort: ‘Landgoed Weldam is een op zichzelf staande samenleving’.

Verhaal

Rentmeester Jan Zandvoort: ‘Landgoed Weldam is een op zichzelf staande samenleving’.

Kasteel Weldam in de buurt van Goor, werd tot voor kort bewoond door Alfred Otto Friedrich graaf zu Solms-Sonnenwalde (1932). Het bijbehorende landgoed bestaat uit 1700 hectare grond, waarvan ongeveer 700 hectare bos, met 85 huizen en boerderijen. De landbouwgrond wordt onderhouden door 25 pachtboeren. De zwart met geel gekleurde luiken kenmerken de woningen die horen bij het landgoed.

‘Ik ben bij toeval rentmeester geworden’, vertelt Jan Zandvoort (1959) over zijn werk op Weldam. ‘Ik reageerde op een vacature, nadat ik de opleiding tuin- en natuurbeheer in Frederiksoord had afgerond. In 1982 nam de graaf mij aan als assistent-rentmeester. Zeven jaar later nam ik het rentmeesterschap volledig over van Bernhard Walgemoed.’ Als rentmeester voert Zandvoort het dagelijkse beheer over het landgoed, zoals het innen van pacht en huur, het onderhoud van tuin, bos en gebouwen en het overleg met gemeente en provincie. De werkzaamheden op het landgoed zijn divers, maar hij probeert wel enige structuur in zijn dagen aan te brengen. ‘’s Ochtends doe ik vaak kantoorwerk en de middag gebruik ik vaak voor externe zaken’, vertelt Zandvoort. Dat varieert van het verrichten van toezicht op het landgoed, het bezoeken van bewoners en pachters, toezien op de houtkap en het voeren van extern overleg. Er is geen mooier werk te bedenken dat dit, maar ik zal niet zo lang met mijn werk doorgaan als mijn voorganger. Die stopte pas op 79 jarige leeftijd.’

Kasteel Weldam (2).jpg
Voorzijde van kasteel Weldam. (foto: Arie Tinbergen)

 

Pachtboekje

Een belangrijk verschil met het beheer van vroeger is de toename van de recreatie in de laatste decennia. Er zijn veel wandel- en fietsgroepen die gebruikmaken van Weldam, dat daarvoor is opengesteld, maar wel met inachtneming van enkele regels. ‘Soms lijkt het of de mensen het landgoed als een gemeenschappelijk bezit zien door eigen routes te markeren met paaltjes. Daardoor moeten we steeds meer handhaven’, stelt Zandvoort. Een andere verandering is het innen van pacht, dat in het verleden in contanten werd afgedragen op het kantoor van de rentmeester. De betalingen werden bijgehouden in een pachtboekje. De boeren betaalden hun pacht in november of februari, als het oogstjaar voorbij was. De betaalmaanden zijn gebleven, maar de betaalwijze verloopt via de bank. ‘Desondanks gebruiken sommige mensen nog steeds elk jaar het pachtboekje. ‘Sommige boekjes gaan zelfs terug tot de negentiende eeuw.’ Op 11 november en 22 februari was en is de zogeheten ‘zitdag’. Op die dag kunnen de pachters met de rentmeester vragen doorspreken.  

Kasteel Weldam.jpg
Achterzijde van Het Weldam. (foto: Arie Tinbergen)

 

Op zichzelf staande samenleving

In de loop der jaren is het aantal personeelsleden op Weldam van veertien verminderd naar negen, onder anderen door de uitbesteding van de houtoogst. Momenteel werken er nog twee timmerlieden, drie tuinmannen, een jachtopzichter, twee schilders, een huishoudelijke hulp en een rentmeester op het landgoed. Ook het bezoek van de familie Zu Solms op het kantoor van de rentmeester is veranderd. In het verleden kwam de graaf bijna dagelijks rond twaalf uur ’s middags langs om de zaken door te nemen en om samen het nodige veldwerk te verrichten. Nu komt zijn dochter Charlotte twee of drie keer per week in de ochtend langs. Zij heeft het landgoed inmiddels overgenomen en heeft daarnaast een fulltime baan als advocate.

‘Weldam is een kleine op zichzelf staande samenleving, waarbij de graaf en zijn echtgenote en het personeel begaan zijn met het wel en wee van elkaar”, zo omschrijft Zandvoort het leven op het landgoed. Dat blijkt uit de langdurige dienstverbanden van de personeelsleden. Dit jaar worden twee 40-jarige jubilea gevierd. Bij bijzondere gebeurtenissen worden pachters en personeel uitgenodigd, zoals bij het huwelijk van de graaf en zijn echtgenote en zeer recent nog bij het huwelijk van de oudste dochter Charlotte met Carl. Voor de pachters en het personeel met de familie was toen zelfs een gezamenlijke busreis georganiseerd naar het landgoed Sonnenwalde.

Blanke huid

De tuinen van kasteel Weldam zijn gebaseerd op een ontwerp uit 1880 van de Parijse tuinarchitect Edouard Andrė. Destijds zagen ze er verwaarloosd uit doordat het landhuis van 1755 tot 1877 leeg stond of werd verhuurd. Toen het ontwerp werd goedgekeurd kreeg Andrè’s leerling Hugo A.C. Poortman de opdracht om het plan uit te voeren. Tot op de dag van vandaag zien de tuinen er erg fraai uit. Zelfs in de winter genieten mensen van de rust en de schoonheid, hoewel veel bloemen, planten en bomen ter bescherming in de orangerie en in aangepaste kassen staan. Een kenmerkend onderdeel van de tuin is de 145 meter lange berceau, waar in het verleden de vrouwen van het mooie weer konden genieten zonder door de zon te worden verkleurd. Een blanke huid was de mode. Achter de berceau is een doolhof aangelegd van thuya’s en middenin staat een verhoging voor een mooi overzicht over een groot deel van de tuinen. Achter het kasteel liggen gazons, die zijn afgebakend met rondgesnoeide spitse taxusboompjes van 140 jaar oud.  Een brede haag aan de gracht is gesnoeid in de vormen M A R Y, de voornaam van negentiende-eeuwse barones Van Heeckeren. 

tuin achter het kasteel.jpg
De tuin achter het kasteel. (foto: Arie Tinbergen)

Geschiedenis Weldam

De oudste vermelding van landgoed Weldam is een op perkament geschreven akte uit 1389, waarop de naam van Wolter van de Weldamme als eigenaar van een boerderij staat. In 1506 huwde Johan (III) van Twickel met Jutte Sticke. Daardoor werden Twickelo en Weldam verenigd. Het echtpaar kreeg twee dochters, Judith en Agnes. Na het overlijden van beide ouders huwde dochter Judith in 1531 met Unico Ripperda en zes jaar later huwde Agnes met Goossen van Raesfeld, waardoor Twickel in het bezit kwam van het geslacht Raesfeld. De namen Ripperda en Raesfeld staan vermeld op twee huizen die tot het landgoed Weldam behoren. In de achttiende en negentiende eeuw volgde een lange periode van leegstand of verhuur.

In 1879 werd het kasteel grondig verbouwd door Wilhelm C.P.O. van Oldenburg-Bentinck en Waldeck-Limpurg en zijn vrouw Maria C. barones van Heeckeren van Wassenaar. Eind negentiende eeuw werd aan het kasteel een zware vierkante toren en een rankere achtkantige toren gebouwd om meer ruimte in het huis te creëren. In 1896 werd de havezate Wegdam gekocht met de omliggende erven en landerijen. Vanaf 1958 wordt kasteel Weldam bewoond door de ouders van de graaf en vanaf 1982 door Alfred graaf zu Solms-Sonnenwalde. Inmiddels wonen Charlotte en haar echtgenoot Carl als de opvolgers van de graaf in het kasteel.

Duitse afkomst

De familienaam van Alfred zu Solms-Sonnenwalde verraad meteen zijn Duitse afkomst. De graaf, zoals hij door zijn personeel wordt genoemd, woonde tot zijn 18de in Sonnenwalde, 100 kilometer ten zuiden van Berlijn. Daar had zijn vader, Wilhelm T.F. graaf zu Solms-Sonnenwalde, een landgoed, maar dat werd in de tijd van de Duitse Democratische Republiek (DDR) door de staat in beslag genomen. De landbouwgronden werden grotendeels verdeeld onder de boeren. Alfreds ouders vluchtten na de onteigening met hun gezin naar het Duitse Lage, vlakbij Denekamp, waar landgoed Twickel bezittingen had. Door vererving kreeg Alfreds moeder Isabella Bentinck in 1956 het landgoed en kasteel Weldam, waar de familie Zu Solms uiteindelijk ging wonen. Na het overlijden van zijn ouders in 1981 werd zoon Alfred de nieuwe graaf van landgoed Weldam met als doel, om het land en de natuur zo goed mogelijk te beheren en om het geheel in goede staat en als eenheid over te dragen aan de volgende generatie. 

Na de val van de Berlijnse muur in 1989, kwam het landgoed Sonnenwalde weer in beeld. Oost- en West-Duitsland werden herenigd. De Duitse overheid gaf graaf Alfred in 1996 de mogelijkheid om een deel van de bossen terug te kopen met het bijbehorende slot Wurschen. De landbouwgrond bleef in het bezit van de Duitse boeren en burgers. Een paar jaar daarvoor was de graaf in het huwelijk getreden met de Duitse arts Christine. Ze krijgen drie dochters: Charlotte, Caroline en Isabelle.

Auteur:Rien de Vries
Trefwoorden:Landgoedeigenaren, Weldam