MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

De Dunnewind (4) rond 1725

Verhaal

Tweede generatie (1700 –1750), Geert Assies op de Dunnewind, geboren omstreeks 1700 trouwt rond 1725 met Eefse Roelofs, dochter van Roelof Derx Brinkhuis en Egbertien Henrixen Hemstede.

We komen het erf Dunnewind in 1726 tegen in een koopakte. De koopakte spreekt over een gebied "met holtgewas en twygh daarop wassende" en van "een getimmerde daarop staande". Voor onze ogen zien we dus een boerderijtje op een duin omringd door moerasland.

Eefse overlijdt na de geboorte van Asselina. Geert hertrouwt met Margien  Jans van Rechteren.  Hoelang dat huwelijk duurt weten we niet. Uit de volkstelling van 1748 blijkt Geert voor de derde keer getrouwd te zijn, nu met Janna Lucas, dochter van Lucas Jansen aan de Stege en Jennigje Roelofs.  Bij deze volkstelling worden alle erven met hun bewoners opgeschreven. Er wordt daarbij geen verschil gemaakt tussen eigenaren en pachters. Zo vinden we onder Varsen:  “'t Erve Dunnewindt: Geert Dunnewindt en zijn vrouw Janna Lucas, 3 kinderen: Marten, Jan; boven de 10 jaren. Eese onder de tien jaren. Bij in woone nog 1 Kindt: “Wiegman Egberts onder de 10 jaren, heeft niets en wort uyt Barmhertigheijd de kost gegeven en geen ouders heeft.”

Deze Wiegman is het kind van een zus van Janna.  Stijntje Lucas en haar man Egbert Wygmonts waren al jong overleden.

Geert en Janna zullen de boerderij hebben uitgebreid. We lezen zo nu en dan dat er grond wordt aangesmeten, in cultuur gebracht, om daarop graan te kunnen verbouwen. Toch is daar niet zoveel ruimte voor op de mars. De rivieren de Regge en de Vecht overstromen regelmatig en de vruchtbare bovenste laag dreigt elke keer weer weg te spoelen. Waarschijnlijk hebben ze hun bestaan vooral in de veeteelt gezocht. Enkele koeien op de graslanden rond de boerderij en schapen en varkens in het woeste gedeelte van de Larinkmars.  De schapen zijn goed voor de mest, maar ook voor de wol. De wol wordt in Zwolle en Kampen verkocht.  De Marke bepaalt hoeveel schapen en varkens je mocht hebben. Uit het Markeboek in 1705 blijkt dat het aantal koeien dat per boerderij in de Larinkmars geweid mag worden beperkt was tot vier. Soms worden de koeien de hele zomer de mars opgestuurd. Alleen de koeien die voor de melk moeten zorgen blijven dicht bij de boerderij. Ook bepaalt de Marke hoeveel plaggen je mag steken.  Wanneer er te veel plaggen worden gestoken komt het duinzand open te liggen en is er kans op verstuiving van de rivierduinen. Om dat tegen te gaan wordt bepaald dat de boeren het zand moeten afdekken met heide. De boeren uit Dalmsholte maakten ook gebruik van de Larinkmars.

Het leven op de boerderij is zwaar.  In de zomer begint de dag al vroeg, om 4 uur en duurt tot ’s avonds 20.00 uur. In de winter wanneer er minder daglicht is, zijn  de werkdagen korter, vaak van 7.00 uur tot 17.00 uur. De dag begint  ‘s morgens met een kop thee en om 8.00 uur wordt er gegeten,  brij of pannenkoeken en brood.  Om 12.00 uur worden de koeien gemolken en eet men een middagmaal.  ’s Avonds om 21.00 uur is het werk gedaan en is er tijd voor een avondmaal. Daarna gaat men naar bed.

Vestingwerk bij de Dunnewind

Na de oorlogen met de bisschop van Munster proberen de Staten van Overijssel de veiligheid te vergroten door de grenzen van Overijssel te versterken met verdedigingslinies.  De moerassen ten noorden van Ommen vormen een  natuurlijke barrière en moeten daarom in stand worden gehouden. Er worden lange dijken aangelegd om het waterpeil op de goede hoogte te houden. Maar ook de rivier de Vecht moet versterkt worden Daarom geeft  men  Pieter de la Rive opdracht een plan te maken.  Pieter is een hoge militair en een uitstekend cartograaf.  Hij tekent vestingwerken voor Groningen, de grens met Munster en ook voor de Vecht.  Rond 1720 maakt hij tekeningen voor het gedeelte tussen Coevorden en Hardenberg en even later de Vecht tot Zwolle. Hiernaast de door hem bedachte verdedigingswerken ter hoogte van de Dunnewind. De Vecht en de Regge zijn in die tijd belangrijke toegangswegen naar Coevorden en Twente.  Om schepen met soldaten, maar ook schepen die soldaten zouden kunnen bevoorraden, tegen te houden bedacht hij bij de Dunnewind twee versterkingen, die de doorvaart onmogelijk zouden kunnen maken.  Het is gelukkig bij plannen gebleven.  Maar dankzij hem is er een nauwkeurige kaart uit 1720 van dit gebied. Duidelijk is te zien dat de weg Zwolle Coevorden bij de Dunnewind de Regge passeerde. Daar ligt  geen brug, de wagens maakten gebruik van de verzanding van de Regge.

Uit het huwelijk van Geert en Janna werden drie kinderen geboren : Jan Geerts ( 1735), Marten  ( 1736?) en  Eese ( 1740?)  Janna sterft voor 1758, Geert sterft na 1758

Auteur:Henk Poelarends
Trefwoorden:Regge, Vecht, Vestingwerken
Personen:Dunnewind
Locatie:Varsen