MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel
Zoeken
Uitgebreid zoeken

De crashlocatie in Dulder

Verhaal

Door de werkgroep werd na deze onderzoeksresultaten alles in het werk gesteld om te achterhalen welk van de twee toestellen nu in Dulder was neergestort. Allereerst werd met behulp van getuigen, kadastrale kaarten en luchtfoto's uit die periode, de locatie opgezocht. Hierdoor kon men de exacte plaats van de boerderij lokaliseren, evenals de waterput en de krater.

De crashlocatie

Uit een gesprek, in 1982, met dhr. Hofstede uit Saasveld, is er sprake van dat m.b.v. een dorsmachine is getracht het voorwerp dat in de put was beland, er uit te trekken. Het was een zwaar voorwerp want de ketting brak en de poging werd gestaakt.
Wat was er gebeurd met de plek waar het vliegtuig was neergestort?. De boerderij was totaal vernield, dit blijkt oa. uit de foto's. Een grote krater en waterput met gevaarlijke explosieven was achtergebleven. Overal lagen brandbommen en resten van het vliegtuig.
De Duitsers, ook niet helemaal gelukkig met deze zaak, gingen na de berging van de bemanning en het verwijderen van de vliegtuigresten over om de resten van oa. de boerderij zoveel mogelijk in de krater te werken en hierover een laag zand te schuiven. Overleg van de eigenaar Nieland met de Gemeente Weerselo leidde ertoe dat wederopbouw op dezelfde plaats, door de vervuiling van de grond en het onklaar raken van de waterput niet verantwoord was. Aan de overzijde van de weg werd in diezelfde zomer een klein houtje keetje neergezet, dit om de drie bewoners in eerste instantie te huisvesten.
Toon Nieland werkte toen tijdelijk als knecht bij Munsterhuis, Hendrik Wolthuis na zijn herstel van de brandwonden was in dienst bij Lansink (Beerholscher) en Gesina Scheepers ging naar Meekenkamp.

Later, nog voordat de winter aanbrak, werd in het kader van de wederopbouw op dezelfde plek  een houten noodboerderij neergezet, waar ook het vee kon worden ondergebracht. Enkele jaren na de oorlog werd besloten een volledige nieuwe boerderij te bouwen op de plaats waar nu de boerderij van H. Munsterhuis jr. staat,(we schrijven 1995) Mevr. Munsterhuis-Scheepers, nog steeds in dienst bij Toon Nieland, huwde met Herman Munsterhuis en trok erbij in. Hier werden ook hun eerste kinderen geboren. In 1953 bouwden zij een nieuwe boerderij aan de Voortsweg no.1. 

In het begin van de zestiger jaren kwam de toenmalige Mijnopruimingsdienst langs om te kijken naar de nog steeds gevaarlijke plaats van de volgestorte krater. Hun metaaldetectoren konden geen dienst doen omdat ze volledig doordraaiden door de grote hoeveelheid metaalresten in en rond de krater. Men voerde wat graafwerkzaamheden uit en vond resten van het vliegtuig. Met de belofte op korte termijn terug te komen voor verder onderzoek verdwenen ze. De omgeving heeft ze nooit weer teruggezien.
Een oproep in de krant in 1982, met als titel: "Vliegramp in Weerselo nog steeds niet opgelost. Wie kan helpen??", leverde ondanks vele reacties nauwelijks bruikbare informatie op. In het voorjaar van 1983 werd door de groep Roding systematisch begonnen met behulp van detectoren de omgeving te onderzoeken en dit werd een aantal jaren lang, nadat het land was bewerkt, herhaald.
Het leverde een grote verzameling op van kleine vliegtuigresten en andere zaken, maar het stukje dat een bewijs kon leveren, welk vliegtuig van die twee het nu was, ontbrak.

In 1989 werd er een geul gegraven over de vermoedelijke Ugging van de put en krater en men vond de contouren ervan. De krater werd voorzichtig aangegraven en bleek een bovendiameter van 6 meter te hebben. De inhoud van de bovenste laag bestond weer uit enorme hoeveelheden puin en er tussen door resten van het vliegtuig. Ook nu geen gewenst resultaat.
Onderzoek in de krater, nu met speciale diepte-detectoren leverde niets op. De eigenaar van de grond H. Munsterhuis jr., zoon van genoemde mevr. Munsterhuis, verleende volledige medewerking, want bewerking van het stuk land was nog steeds niet zonder risico. Dieper graven durfde men niet aan, dit was werk van specialisten en er werd gestopt.
De Bergingsdienst van de Luchtmacht werd verzocht de zaak nader te onderzoeken en dit geschiedde in het voorjaar van 1990. Het Luchtvaart Museum Twenthe wacht jammer genoeg nog steeds op het officiële evaluatie en bergingsrapport van deze instantie. Verschillende oorzaken
liggen hieraan ten grondslag, maar de verwachting is dat dit in 1995 boven tafel zal komen en er misschien toch nog conclusies kunnen worden getrokken.

Auteur:Bert Wolbert uit Dit möt wie nich wier hebn uitgegeven mei 1995
Trefwoorden:Oorlog, Tweede Wereldoorlog, Vliegtuigcrash, Wrakken, Dulder, Bommenwerpers
Periode:6/1942
Locatie:Saasveld, NL, Saasveld, Voortsweg

Locatie op kaart

0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand