MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel
Zoeken
Uitgebreid zoeken

Bert Wolbert: bommenwerper stort neer bij Rossum

Verhaal

Over de Tweede Wereldoorlog werd bij ons thuis niet zoveel gesproken, maar sporadisch kwam het wel eens ter sprake als mijn moeder (1914-2017) vertelde hoe zij de oorlog in Rossum had beleefd. Mijn vader (1916-1990), in 1940 als militair gelegerd in Zeeland, sprak er weinig over. Mijn moeder vertelde over die periode dat ze in de pastorie van de H. Plechelmuskerk werkzaam was en daar contacten had met de leden van de Nederlandse Opbouwdienst onder leiding van Ir. Cleijndert. Deze Opbouwdienst bestond uit Nederlandse militairen, die in oorlogstijd werkzaam waren aan projecten die door de bezetters werden getolereerd. In dit geval het delven van fosforietknollen, een meststof uit de Twentse bodem. Ook verhaalde ze over de momenten dat er veel onrust was in het luchtruim en ze thuis met zijn allen hun toevlucht zochten in de provisorische schuilkelder die hun vader had gegraven achter hun boerderij. Regelmatig vlogen er grote groepen vliegtuigen over op weg naar Duitsland en deze werden dan bestookt door Duitse jagers.

Zo ook op de avond van 13 mei 1943. Met zijn allen, de familie bestond uit 13 personen, zaten ze dicht opeen in de schuilplaats en hoorden met een oorverdovend lawaai een vliegtuig naderen. Mijn moeder: 'Wie wadden onwies bang, net of der wal ‘n groot grommelschoer ankwam'. Rakelings scheerde een brandende bommenwerper over hun huis, ging laag over de daken van de huizen in het dorp Rossum en stortte hevig brandend neer, een kilometer westelijk, zo’n 400 meter achter de kerk, pal achter de boerderij Scholten (Hesmöl) aan de Haarstraat. Veel inwoners van Rossum keken die nacht in de lucht met verbijstering naar dit afschuwelijke schouwspel en bij navraag weten ze het feilloos te vertellen.

Paul Vos (1935): ‘Door het raam van mijn slaapkamer keek ik wat er allemaal in het luchtruim gebeurde. Het was er druk. Plotseling kwam er vanuit het noordoosten, brandend, veel lawaai makend, een vliegtuig aan gevlogen. Alles knetterde en explodeerde, een angstaanjagend moment. Op ons platte dak kwam een kistje met noodrantsoen neer en delen van het vliegtuig vielen in de wei van de boerderij Elderink (de Roatger), waarna het vliegtuig krakend neerstortte achter boerderij Scholten, minder dan 500 m van ons vandaan. Samen met mijn broers, onze vader was al niet meer thuis, ging ik bij opkomend daglicht kijken naar de onbeschrijfelijke ravage, maar dichtbij komen lukte niet want de aanwezige Duitsers hielden iedereen op afstand’. Vader Jan Vos was in december 1942, verdacht van verzetsactiviteiten, door de Duitsers uit huis gehaald en weggevoerd. Niemand heeft hem terug gezien. Later bleek hij te zijn omgekomen in het concentratiekamp Natzweiler, ver weg in de Vogezen. (*1)

Ook Gerard Voorpostel (1929) had zo zijn verhaal. Met de gehele familie, inclusief de dienstmeid Leida Weusthof, zagen zij vanaf hun boerderij, (Höwwerboer)  noordelijk van de kerk gelegen, het brandende vliegtuig over de es vanuit de Blokhuis (‘n Muller) laag overkomen en neerstorten achter boerderij Scholten. Later vond Gerard op de crashplek een stukje plexiglas waarvan hij een prachtige rozenkrans maakte. (*2,*7)

Herman Helthuis (Höakman) vertelde in 1995 in een interview dat de bommenwerper uit elkaar was gevlogen bij het neerstorten achter boerderij Scholten. Op een stuk land dat Helthuis toebehoorde, lagen verschillende delen van het vliegtuig. Hier groeide rogge en ongeveer driekwart van de oogst was verbrand. Het was één grote ravage. (*1)

Wachtmeester Ter Laak schreef in november 1946, enkele jaren na de crash in zijn rapport: 'In de nacht van 13 op 14 mei 1943 zag ik boven de gemeente Weerselo een brandend vliegtuig in de lucht. Nadat het bedoelde vliegtuig een ogenblik had rondgecirkeld, begon het te dalen. Het landde in de buurtschap Rossum, onder deze gemeente, in de nabijheid van Oude Moleman”(*3) Deze boerderij Oude Moleman lag aan de overzijde van boerderij Scholten aan de Haarstraat. De wachtmeester schreef dit rapport, omdat familie van

bij de burgemeester van Weerselo om opheldering had gevraagd. Ook meldde ter Laak van een mogelijke ontsnapping van één van de bemanningsleden, maar dit bleek later onjuist.   In 2006 had onderzoeker Coen Cornelissen een interview met Gerard H. Herink (toen 95 jr.) Hij vertelde dat hij samen met zijn vader buiten stond en het brandende vliegtuig zag naderen vanuit de richting Lonneker. De bommenwerper knalde en kreunde en na een draai kwam hij recht op hen af. ‘O God, o God, doar koamp hee an’,  zei zijn vader en het vliegtuig kwam hun richting op om voor hun ogen neer te storten. De volgende morgen vroeg zijn ze naar de crashplek gegaan. Eén van de motoren was neergekomen op hun land en bij Oude  Wolcherink lag één van de bemanningsleden dood op de grond. Verderop was ook een bemanningslid te pletter geslagen, dit was zo hard gegaan dat hij voor een deel in de grond zat. Een foto, later gemaakt door de Duitsers getuigd hiervan. Dus minstens twee bemanningsleden hadden nog geprobeerd eruit te springen, maar tevergeefs. (*3)

De crash

Het was op de avond van 13 mei 1943 dat het onrustig was in het luchtruim. Armada’s van bommenwerpers waren op weg naar Duitsland om vooraf bepaalde doelen te bombarderen. Andere vliegtuigen kwamen later die nacht weer terug en probeerden veilig de thuishavens in Engeland te bereiken. Maar vanuit de Fliegerhorst Twente probeerden Duitse jachtjagers, met hun snelle Messerschmitt Bf 110, de trage bommenwerpers te onderscheppen en neer te halen. Dit gebeurde met hulp van navigatie vanaf de grond en overal opgestelde zoeklichten. (*4)

En op deze avond in mei ging het mis met de Engels-Canadese bommenwerper van het type Avro Lancaster R5611. Het vliegtuig werd opgemerkt door de vlieger Hauptmann Herbert Lütje die, samen met zijn navigator, zojuist daarvoor ook al een bommenwerper had neergehaald. Het werd een hevig luchtgevecht, Lütje probeerde vanaf de onderzijde de bommenwerper, hier was hij het meest kwetsbaar, te naderen en te doorzeven met zijn mitrailleur.  Brandend verloor het vliegtuig hoogte. De bommenrichter van de Lancaster probeerde nog enigszins hoogte te houden door bij De Koppelboer nabij Oldenzaal een zware bom van 8000 pond te droppen. Deze richtte daar in de bossen een enorme ravage aan en ook tientallen huizen in Noord Berghuizen werden beschadigd. Maar het lukte niet het vliegtuig in de lucht te houden en uiteindelijk stortte het vliegtuig neer om 23.42 uur te Rossum op de hoek Haarstraat- Bentertsteeg.

Alle 7 bemanningsleden kwamen om het leven. De dagen erna werden de wrakstukken en lichamen geborgen door de Duitsers en neergelegd in de schuur van boerderij Scholten. Later werden bemanningsleden begraven op de R.K. Begraafplaats te Rossum. Na het neerhalen van de Lancaster wist Hauptmann Lütje, nog diezelfde nacht zijn derde bommenwerper naar beneden te halen en zijn totaal op 24 neergehaalde vliegtuigen te brengen. Een triest record.

Het doel

Onder leiding van de Engelse luchtmaarschalk A.T. Harris startten de geallieerden in het voorjaar van 1942 met een groot bommenoffensief op de Duitse steden en wapenfabrieken. Het kreeg de naam mee van BOMBER COMMAND en was een ultieme maatregel om de vijand op de knieën te krijgen. En zo vertrokken op 13 mei 1943 vanaf het RAF Basis Syerston bij Newark Nottinghamshire om precies 21.30 uur (Engelse tijd) 156 Lancasters bommenwerpers en 15 bommenwerpers van het type Halifax. Het doel van die avond was het bombarderen van de Skoda wapenfabrieken in Pilsen in Tsjechië. Onder hen ook de Avro Lancaster Mk 1 - R5611 ZN-D van het 106e Sqdn. Royal Canadian Air Force (RAF-RCAF) met 7 bemanningsleden afkomstig uit Engeland en Canada. Van deze 168 bommenwerpers keerden er 9 niet terug op de basis, waaronder de Lancaster R5611.

Een van de bemanningsleden van die nacht, die wel teruggekeerde met zijn Lancaster bommenwerper, schreef later in zijn dagboek: 'De bommen vielen op het doel Pilsen van een hoogte van 13000 feet ( ca.400 m) met een uitstekende zicht en bij halve maan. Het doelwit werd visueel geïdentificeerd met rode T.I. markers (Target Identification Markers) en de bommen werden vrijgegeven. Een grote explosie was zichtbaar bij de markeringen. Wij keerden terug na 7.35 uur vliegtijd. Een deel van de vliegtuigen kon het doelwit moeilijk vinden waardoor veel munitie op het platteland nabij de Skoda fabrieken viel’.  (*3)

De bemanningsleden 

De 7 bemanningsleden die de dood vonden zijn:

Howell, Francís James. Geb. 14-11-1920. Overl.  13-05-1943 te Rossum. Sergeant (píIoot) RAE volunteer reserue. Idnr. 1384397.  Het was Howell zijn 13e  vlucht!
HíII, William Bíll Hiram. Geb. 30-05-1920. Overl. 13-05-1943 te Rossum. Flíght Sergeant (navigator) RCAE ldnr. N115769.
Beacham Ernest George Ronald. Geb. 10-09-1922. Overl. 13-05-1943 te Rossum. Sergeant (bommenwerper) RAF, volunteer reserve. Idnr. 1338277.
Littlefair, Robert Wílliam. Geb. 04-09-1921. Overl. 13-05-1943  te Rossum. Sergeant (marconist) RAF, volunteer reserve. Idnr. 1294785.
Dunmore, Leslíe Allan. Geb. 13-02-1924. Overl. 13-05-1943 te Rossum. Sergeant (boordschutter) RAF volunteer reserve. Idnr. 1320264.
MítcheII, Douglas Seldon. Geb. 17-03-1922. Overl. 13-05-1943 fe Rossum. Warrant Offícer Class II (boordschutter) RCAF ldnr. N88029.
Greg, Duncan. Geb. 23-08-1920. Overl. 13-05- 1943 te Rossum. Sergeant (boordwerktuigkundige) RAF volunteer reserve. Idnr. 1244614.

Het vliegtuig

De Lancaster bommenwerper is een 4-motorige propeller vliegtuig  uit de Tweede Wereldoorlog dat gebouwd werd door de Engelse vliegtuigbouwer AVRO. In de Tweede Wereldoorlog vlogen de Lancasters vanaf 1942 156.000 missies en wierpen ze voor 608.612 ton aan bommen, dankzij hun enorme laadvermogen. Er zijn in totaal 3.249 Lancasters verloren gegaan. (*5)

Het kerkraam

De familie van Ronald George Ernest Beacham, liet in hun kerk in Shirehampton, gelegen aan de noordwestelijke rand van Bristol (Engeland), ter herinnering aan hun zoon en ook aan de volledige bemanning, een glas in lood raam plaatsen met het logo van de RAF en met onderin de inscriptie: 

“In loyal and cherished memory of E G Ronald Beachham and fellow members of his crew D Grey, W H Hill, F G Howell, L A Dunmore, D E Mitchell, R W Littlefair who crashed on their return flight from SKODA and were laid to rest at ROSSUM HOLLAND”  (*6)

Afsluiting

Deze 5 Engelse en 2 Canadese jongens in de leeftijd van: 22, 22,21, 19, 21,22 jaar zijn na hun tragische dood begraven op de R.K. Begraafplaats te Rossum. Jaarlijks worden zij op indrukwekkende wijze door zowel de schooljeugd, individuen en op de nationale dodenherdenkingsdag 4 mei herdacht. Samen liggen zij hier begraven met 5 bemanningsleden van een Halifax bommenwerper die precies een maand later neerstortte te Volthe. Allen stierven zij voor onze vrijheid.

Bert Wolbert December 2017/ Update: mei 2019.

Met dank aan  Mariët Blokhuis voor haar intensieve speurwerk en publicaties

Ref.lijst.

*0. http://oorlogsdodendinkelland.nl/

*1.'Dat mot wie nich wier hebben’. Uitgave Heemkunde Weerselo, 1995.

*2. Interview Bert Wolbert, 2014.

*3. 'Huzaren van de nacht’, deel 1,  Coen Cornelissen, 2007

*4. ‘Van Grasmat tot Fliegerhorst’, Coen Cornelissen, 1998.

*5. https://nl.wikipedia.org/wiki/Avro_Lancaster

*6. https://www.findagrave.com/memorial

*7. Fotoarchief Gerard Voorpostel    

Foto verantwoording. Foto 1, 9: Ben Deterink.  Foto 2, 4 : Bert Wolbert. Foto 3, 5, 'Huzaren van de nacht’, Coen Cornelissen. Foto 6, 8: Steve Fell. Foto 7: Internet.

Auteur:Bert Wolbert December 2017/ Update: mei 2019.
Trefwoorden:Vliegtuigcrash, Rossum, Lutje, Oorlogsslachtoffers, Luchtoorlog, Tweede Wereldoorlog
Personen:Jan Vos, Scholten
Periode:1940-1945
Locatie:NL, Rossum
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand