MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Geert Mak

Verhaal

Volgens een nieuwsbericht van het Drents Archief uit 2008 is Catrinus Mak, betovergrootoom van journalist en auteur Geert Mak, in 1853 in een bedelaarsgesticht te Veenhuizen ingeschreven. Jammer dan! Hij zat in Ommerschans! En met Geert Mak zelf wil ik ook nog wel een paar snelle conclusies afpellen. En Garde!


Verborgen Verleden

In de aflevering van de TV-serie Verborgen Verleden over ruimtevaarder André Kuipers werd dezelfde fout gemaakt: André kreeg in het Drents Archief te horen dat zijn oud-betovergrootvader Gerrit Lut op 6 oktober 1884 werd ingeschreven in Veenhuizen. En terwijl deze woorden werden uitgesproken gleed de pagina van het inschrijvingsregister door het beeld. En daar stond achter de naam van opa Lut duidelijk de aantekening OS: hij zat in Ommerschans.
Precies hetzelfde is het geval met touwslagersknecht Catrinus Mak uit Schiedam, die op 3 februari 1853 in Ommerschans werd ingeschreven. Hoe je dat kunt zien? Welnu, dat kun je alleen maar zien als je voldoende meters hebt gemaakt in de inschrijfregisters. Dan doorgrond je de systematiek. En die is éénduidig!

  • Er is één registratie voor de gezamenlijke bedelaarsbestichten, later Rijkswerkinrichtingen. 
  • Als er bij de inschrijving geen locatie is vermeld, dan is de locatie Ommerschans.
  • Tot 1859 zijn alle bedelaar-kolonisten op Ommerschans ingeschreven. Daarna worden bedelaars die in Leeuwarden, Assen of Groningen worden veroordeeld, meest direct naar Veenhuizen gestuurd. In dat geval staat er in het register: te Veenhuizen aangekomen.
  • Als bedelaars van Ommerschans naar Veenhuizen worden doorgestuurd, dan wordt dat aangetekend in het register als opmerking.
  • In de schaarse gevallen dat een kolonist van Veenhuizen naar Ommerschans is gestuurd, wordt dat op dezelfde wijze aangetekend "terug van Veenhuizen".

In de afbeelding hierboven zien we dat de kolonist Cornelis Oudenbroek, die na het vertrek van Catrinus Mak is ingeschreven, een maand na aankomst in Ommerschans naar Veenhuizen is doorgestuurd, precies volgens de beschreven systematiek.

Snel ontslag

Catrinus Mak is al op 29 december 1853 ontslagen. Hij verbleef dus minder dan 11 maanden in de bedelaarskolonie. Dat wijkt nogal af van het algemene beeld dat het praktisch onmogelijk was om de bedelaarskoloniën levend te verlaten en het is zelfs in strijd met de formele regel van de Maatschappij van Weldadigheid dat het verblijf minimaal een jaar duurt. Ongetwijfeld is er tussen de Permanente Commissie en de directie der Koloniën gecorrespondeerd over het ontslag van Catrinus en wellicht heeft het bestuur van de stad Schiedam daar ook nog een rol in gespeeld. Maar helaas is de "Post van Weldadigheid" van na 1847 nog niet gedigitaliseerd beschikbaar en dus laat ik dat onderzoek nu even links liggen. Als binnenkort alle inschrijfregisters ontsloten zijn in het vele handen project "familie van je?", dan wordt het goed mogelijk om genuanceerd te bepalen hoe het nu precies zit met de verblijfsduur van de kolonisten.

Catrinus Mak

Waarom moest Catrinus Mak naar Ommerschans? Was hij die zonderlinge oom in de familie die zich niets aantrok van de leefregels, of leidde hij een normaal leven en had hij pech? 

We kijken eerst naar het gezin waarin Catrinus op 26 november 1847 geboren is. Hij is voor zover ik heb kunnen nagaan de oudste zoon van zeilmaker Jacobus Mak en diens eerste vrouw Trijntje Baron.
We zien dat het in het gezin Mak niet van een leien dakje liep. De kleine Catrinus maakte tenminste vijf geboortes van broertjes en zusjes mee, waarvan één doodgeboren en waarvan de overige allemaal jong overleden. Toen Catrinus veertien jaar oud was overleed tot overmaat van ramp ook zijn moeder. Een jaar later hertrouwde zijn vader met Hendrika Tillenburg. Zij was negen jaar jonger dan Catrinus' vader en zij baarde tien kinderen, waarvan er "slechts" twee jong overleden.

Schrijver Geert Mak stamt af van het vierde kind uit dit huwelijk, Jacobus Mak, die trouwde met Henderijntje Hillen.

Catrinus Mak, inmiddels touwslagersknecht, trouwde op 27 november 1828 met Dorothea Cruijning. In de acte zien we dat vader Jacobus Mak zeilmaker en touwslager is. Waarschijnlijk werkt Catrinus bij zijn vader als knecht.
We zien in de acte dat Catrinus en zijn vrouw beide kunnen schrijven. Wel drukte Catrinus iets te hard op zijn pen, waardoor de handtekening deels een vlek werd.

Catrinus en Dorothea krijgen samen zeven kinderen, waarvan er vijf jong overlijden.
Dorothea overlijdt, 42 jaar oud, op 5 november 1848.

Op zoek naar de overlijdensacte van Dorothea blader ik op familysearch.org door de overlijdensactes van Schiedam van november 1848. Dat zijn er heel veel, in vergelijking met de maanden er voor en er na. Dat ruikt naar epidemie.


Even googlen op 1848 en epidemie en bingo! In 1848 is er in veel Europese steden een grote uitbraak van Cholera. Zo ook in Schiedam.


Krijg toch allemaal de kolere...

Het is een verwensing geworden zonder relatie met haar oorsprong. Maar die cholera was in de 19e eeuw een reële dreiging, met name in de steden, waar riolering nog niet was uitgevonden en hygiëne ver te zoeken was. En zo werd Dorothea Kruining ook slachtoffer van "den Aziatischen buikloop".We zien dat echtgenoot Catrinus Mak, touwslager, samen met zijn vader aangifte van het overlijden doet.

Catrinus blijft achter met drie kinderen van 17, 8 en 5 jaar oud. Zoon Jacobus van 8 overlijdt een jaar later. En dan is wellicht het meest opvallend in het leven van Catrinus dat er niet snel een nieuw huwelijk komt. In het algemeen zien we in de 19e eeuw dat weduwnaren en weduwen snel hertrouwen. Zeker als er kinderen in het spel zijn dan is het gezin de meest solide basis om alle bordjes in de lucht te houden. 

Wat de reden is dat Catrinus niet hertrouwt, daar zullen we wellicht nimmer achter komen. Maar we mogen wel concluderen dat hij aan lager wal raakt. En zo komt hij in 1853 in Ommerschans terecht. En dat terwijl er in zijn nabijheid een groot potentieel tot mantelzorg is. Zijn vader en stiefmoeder zijn immers in leven en hij heeft een grote schare aan stiefbroers en -zusters. Zijn oudste stiefbroer Gerrit Mak is in 1847 gehuwd en in 1852 ook weduwnaar geworden met twee jonge kinderen. Die hertrouwt in 1854 en gaat verder met z'n leven. Maar Catrinus trekt het niet en wordt door de stadsbestuur van Schiedam naar Ommerschans opgezonden.

Vluggertje

Zoals ik aan het begin van dit verhaal al schreef: het verblijf van Catrinus Mak op de Schans is ongewoon kort van duur. Al na 11 maanden krijgt hij ontslag om terug te keren in Schiedam. Daar hertrouwt hij 7 maanden later (4 dagen eerder dan stiefbroer Gerrit) met de tien jaar jongere Alida Goedvolk.We mogen uit de huwelijksacte opmaken dat Catrinus Mak na zijn verblijf in Ommerschans zijn oude beroep als touwslager weer heeft op gepakt. Verder zien we dat hij nog steeds een keurige handtekening kan zetten. Kortom: het lijkt er op dat zijn leven na Ommerschans weer goed op de rit komt. Dat wordt onderstreept in de jaren erna, als Alida het leven schenkt aan zes kinderen.
Van de zes kinderen uit dit huwelijk zijn er vijf jong overleden. En erger: een week na de geboorte van zoon Jacobus, overlijdt Catrinus Mak, 57 jaar oudCatrinus wordt overleefd door zijn vader, zeilmaker en touwslager Jacobus Mak. Die overlijdt drie jaar later, 82 jaar oud.Catrinus Mak heeft, hoewel de meeste van zijn kinderen jong overleden zijn, toch de nodige nakomelingen. Een deel hiervan is op bonmama.nl op te roepen door de links naar Humogen aan te klikken.

Een broer van Catrinus Mak heeft de zeilmakerij voortgezet en zeilmakerij Mak bestaat tot op de dag van vandaag (2019).
Zoals ik eerder in het verhaal al aangaf: schrijver Geert Mak hoort niet bij de nakomelingen van "oom" Catrinus. Toch wil ik het over Geert Mak nog even hebben!

Geert Mak en de zomer van 1823

In 2000 verschenen het boek en de TV serie "de zomer van 1823", waarin Geert Mak de voetreis van Jacob van Lennep en Dirk van Hogendorp dunnetjes over doet. In 2018 is het boek in herdruk verschenen en de TV serie is online te bekijken op de website van Geert Mak.

Naar aanleiding van deze uitzending heb ik een verhaal geschreven en de degens kortstondig gekruisd met Geert Mak.

Auteur:Helmuth Rijnhart
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand