MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Boerderij de Denekamp: katholiek baken op de Boskamp

Verhaal

In een slingerbocht van de Dingshofweg even buiten Boskamp staat een opvallende boerderij: de Denekamp. Achter oeroude leilindes en een siertaxus gaat een statig witgepleisterd voorhuis schuil, dat wat hoger is opgetrokken dan het traditionele achterhuis. Bij nader onderzoek blijkt de boerderij een markante geschiedenis te hebben, die nauw verweven is met het rooms-katholieke karakter van deze streek.

Boskamp vormt van oudsher een katholieke enclave in de omgeving van Olst. De bewoners van deze streek zijn tijdens de Reformatie hun moederkerk trouw gebleven. Terwijl rond 1580 in dorpskernen als Olst door protestanten de altaren en heiligenbeelden uit de kerken werden gebroken en de pastoors verdreven, bleef een groot deel van de bevolking ‘het oude, ware Catolyck gelove’ trouw. De plattelandsadel in de omgeving bood bescherming aan rondreizende priesters. Ook op de havezate  Boskamp kwamen de katholieke gelovigen min of meer in het geheim bijeen. Boerderij de Denekamp was indertijd vermoedelijk niet meer dan een keuterboerderijtje in de buurschap Overwetering, waar ook de Boskamp toebehoorde.  

Gebrandschat door Bommen Berend

Een kleine eeuw na de machtsovername door de protestanten leek ineens het tij in het voordeel van de katholieken te keren. De welvarende Nederlandse Republiek had de nodige vijanden gemaakt en was tegelijkertijd door interne twisten verzwakt. In het jaar 1672 vielen legers vanuit Engeland, Frankrijk en de bisdommen Keulen en Munster de Republiek van drie zijden binnen. In het gewest Overijssel gaf Deventer zich al dadelijk op 21 juni, na de eerste beschieting met zijn gevreesde mortieren, aan de bisschop van Munster oftewel Bommen Berend over. Herstel van de katholieke kerk was één van de motivaties voor de veroveringstocht van de kerkvorst. Olst kreeg een minderbroeder uit Keulen als priester toegewezen.

De katholieke restauratie verliep alleen minder gunstig dan gedacht. De huurlingen van Bommen Berend sloegen massaal aan het plunderen en brandschatten: huizen van bewoners die geen afkoopsom betaalden, of ze nu katholiek of protestant waren, staken de soldaten in de brand. Alleen al in de omgeving van Olst gingen tien boerderijen in vlammen op, waaronder de Denekamp. Vervolgens trokken de bisschoppelijke troepen verder naar het noorden, waar ze de vesting Groningen tevergeefs belegerden. Vanuit het vrij gebleven Holland begon de Republiek intussen aan een tegenoffensief. In 1674 verdwenen de Duitse troepen in Overijssel van het toneel, opnieuw een spoor van verwoesting achterlatend.  

De eigenaren van de Denekamp lieten zich niet door de oorlogssituatie ontmoedigen en begonnen direct met wederopbouw van de boerderij. In het achterhuis van de Denekamp valt het jaartal 1672 nog duidelijk te lezen in de achterste gebintbalk, die ook sporen van een voormalig onderschoer ofwel verdiept inrijgedeelte bevat. De eikenhouten gebint- of ankerbalken zijn nog origineel, de stijlen in de loop van de tijd vervangen. Of de Denekamp in 1672 al stenen muren had, is de vraag. Veel boerderijen bestonden indertijd nog uit vakwerk, opgevuld met twijg en leem.

Eerste pastorie van de Boskamp

Na het vertrek van de Munsterse troepen in 1674 kregen de katholieken het hard te verduren. Kerkdiensten werden verstoord en priesters gevangen genomen. Bovendien werden zij deels voor de geleden schade aansprakelijk gesteld. Katholieke edelen in Salland brachten gelden bijeen om de boetes te kunnen betalen en in het onderhoud van gevangengenomen priesters te voorzien. Pas in de 18e eeuw kregen de katholieken weer enige ruimte om hun geloof te belijden. In 1710 mochten ze in Olst een eigen statie oprichten. Pastoor Caspar van der Hagen, die door de Staten van Holland uit dat gewest verbannen was, kwam dat jaar vanuit Blaricum naar Olst. Op zon- en feestdagen droeg hij om beurten de mis op te huize Spijkerbosch of op huize Boskamp.

En waar woonde pastoor Van der Hagen? Jawel, op de Denekamp. In het rechtergedeelte van het voorhuis bevond zich zijn woonvertrek en een huiskapel voor de dagelijkse missen. Naar verluidt bevindt zich achter één van wanden nog een nis in de muur bestemd voor wijwater. Vanaf die periode is regelmatig sprake van het Pastoorhuis in Overwetering. Daarmee fungeerde de Denekamp als eerste pastorie van de herstelde katholieke gemeente in Olst. Ook de opvolgers van pastoor Van der Hagen namen hun intrek op de Denekamp, te beginnen met de Zwolse kapelaan Theodorus Huberts Robers in 1729.

Rond 1768 begonnen de katholieken een eigen kerk in het bouwhuis van havezate Boskamp. Na het overlijden van de laatste adellijke bewoonster in 1802 kocht de katholieke gemeente de havezate en verbouwde het tot kerk met bijbehorende pastorie. Hiermee verloor de Denekamp deze functie en gold voortaan als het Oude Pastoorshuis. De katholieke parochie bouwde in 1858-1860 een nieuwe, neogotische kerk, de huidige Willibrordkerk, met bijbehorende pastorie. Dankzij herstel van de bisschoppelijke hiërarchie kon de katholieke kerk weer een volwaardige plek in Nederland innemen. De katholieken lieten ook maatschappelijk steeds meer van zich horen. Ook daarvan getuigt de geschiedenis van de Denekamp.   

Wethouder W.A. Boerkamp

In 1910 kocht Wilhelmus Antonius Boerkamp ‘bouwplaats’ de Denekamp met 10 hectare grond. Een week later trouwde hij met Maria Johanna Hendrika van Gendt. Haar familie pachtte de boerderij van een rijke boer uit Brummen. Het echtpaar Boerkamp kreeg acht kinderen. Naast zijn boerenbedrijf was vader Boerkamp bijzonder actief in het katholieke verenigingsleven. Na invoering van het algemeen kiesrecht in 1919 werd hij lijsttrekker van de RK-kiesvereniging, die met twee van de elf zetels in de gemeenteraad kwam. Vanaf 1927 kwam hij namens de RK-kiesvereniging als wethouder in het college van B&W van Olst.

Als politiek leider was W.A. Boerkamp in de vooroorlogse jaren van grote betekenis voor de katholieke gemeenschap van Olst. Aan het einde van zijn leven werd een weg op de Boskamp naar hem vernoemd, de Wethouder W.A. Boerkampweg. Boerderij de Denekamp ging over in handen van zijn jongste zoon Gerrit en schoondochter Riek Spijkerman. De boerderij is later overgenomen door neef Hennie Vloedgraven en zijn vrouw Marijke Zwakenberg, die naast het oude pand bedrijfswoning Nieuw Denekamp bouwden. Van varkensboerderij transformeren zij de Denekamp inmiddels in een paardenfokkerij met gastenverblijf.  

Auteur:Ewout van der Horst
Periode:1672-2019
Locatie:Boskamp
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand