MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Henk Aalders: 'Tegenover dienstplichtigen die nog niets hadden meegemaakt, krijg je een beetje branie'

Verhaal

Henk Aalders: 'Tegenover dienstplichtigen die nog niets hadden meegemaakt, krijg je een beetje branie'

Henk Aalders: 'Na de eerste politionele actie was het aardig rustig. Ik heb zelfs nog eens een keer gevangenen met de auto naar Medan moeten brengen. Ik geloof dat we met drie militairen en vijf gevangenen waren. We kreeg een week verlof om in Medan te blijven. We kregen een adres waar we naartoe konden gaan. Daar waren dienstplichtigen die nog niets hadden meegemaakt. Dan krijg je een beetje branie. Wij hadden natuurlijk al van alles meegemaakt. Ik weet nog dat we bij de bioscoop op straat stonden. We stonden er een beetje nonchalant bij. Er stopte een jeep waar iemand van de militaire politie uitstapte die vroeg of wij even bij de luitenant wilden komen. Eén van de jongens waar ik mee was zei: “Hij wil ons graag spreken? Ja? Laat hem hier meer heenkomen!” Hij ging naar zij luit, maar kwam even later terug: “Jullie moeten komen!” Wij: “Als hij niet wil komen dan komen wij ook niet!” Toen kwam hij er wel aan. Wij hebben hem duidelijk gemaakt wat wij hadden meegemaakt. Hoe het precies liep weet ik niet meer, maar hij is wel afgedropen.

We hebben een hele poos bij het Tobameer gezeten. Daar zaten we eigenlijk een beetje in rust. We zaten een paar honderd meter boven het meer. We moesten een stukje naar beneden om bij het meer te komen. Daar gingen we zwemmen. Bij het Tobameer wonen de Batakkers. Zij wonen in hele mooie huizen op palen. We hebben in een christelijk dorp nog geholpen om een kerk te bouwen. Dat doen ze heel mooi. Ze zetten eerst de banken neer en bouwen dan de kerk eromheen.

Het Drents bataljon ging door voor een christelijk bataljon. Zelf ben ik van huis uit gereformeerd. In die tijd was er een scheuring in de gereformeerde kerken. Dat werkte zelfs bij ons door. De kapitein was van de ene en de luitenant was van de andere kerk. Daar hadden ze behoorlijke gesprekken over, maar ik heb nooit gemerkt dat het op andere zaken invloed had. We hadden een dominee en een pastoor. Die konden het goed met elkaar vinden. Ze hadden samen een jeep waarmee ze op pad gingen. Ze hadden op de voor- en zijkant GVD geschilderd: geestelijke verzorgingsdienst. Ja hoor, dat moest groot getoond worden! Het was een mooi stel bij elkaar. De dominee was een dunnerd en de aalmoezenier een dikkerd De dominee zei altijd: “Ik ga altijd met de aalmoezenier op stap, want als er gevaar dreigt, kruip wel achter hem weg.” ’s Avonds hielden we vaak een avondsluiting, omdat de kapitein en luitenant ook gereformeerd waren. De aalmoezenier heeft bij ons ook wel eens de sluiting gedaan.' 

Trefwoorden:Indiëgangers, Soldatenleven
Personen:Henk Aalders
Periode:1946-1948
Locatie:NL

Locatie op kaart