MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Gerrit Daggenvoorde: "Minister, u kunt goed lullen, maar in Indië zijn we zo vaak ’s nachts erop uit geweest!”

Verhaal

Gerrit Daggenvoorde: "Minister, u kunt goed lullen, maar in Indië zijn we zo vaak ’s nachts erop uit geweest!”

Gerrit Daggenvoorde: 'Met 4000 man zijn we op de Pasteur naar huis gegaan. Er zijn ook een heleboel jongens rechtstreeks daarvandaan naar Canada of Australië gegaan. Het was algemeen bekend dat het moeilijk was om werk te vinden in Nederland. Daar had ik geen last van, omdat we een boerderij hadden. Op de terugweg kwam er een andere Franse boot langs met troepen voor Vietnam. Wij liepen allemaal naar die ene kant waar het schip passeerde. Toen werd er afgeroepen: “Jongens, er moeten er wat naar de andere kant, want anders kunnen we kapseizen!” Ja, er hingen 4000 man over de reling aan de ene kant. Je liep gewoon schuin omhoog naar de andere kant. Zo scheef hing die boot.

De thuiskomst weet ik nog best. We kwamen aan in Amsterdam. De Minister van Defensie hield een toespraak. Hij zei dat de jongens uit Amsterdam die avond van boord mochten, maar de rest moest nog wachten. “Anders moeten we ’s nachts met jullie over de wegen.” Toen kwam er een ontzettend gejoel. “Minister, u kunt goed lullen, maar in Indië zijn we zo vaak ’s nachts erop uit geweest!” Maar we kwamen niet van boord.

De volgende dag zijn we met de bus naar huis gegaan. In Bathmen ging de eerste eruit. Onze chauffeur durfde haast niet over het bruggetje over de Schipbeek, maar het ging allemaal goed. Ik was de tweede die eruit ging en moest zelf de weg wijzen. Vanaf Oude Molen zijn we hier naar Lettele gereden. We kwamen bij huis aan. Ik stapte de bus uit. Mijn moeder en mijn broer en zusters stonden bij de weg. Mijn vader stond er niet bij, want hij werd snel wat emotioneel. Hij stond achter het huis en heeft de ontmoeting aan de weg niet meegemaakt. ’s Avonds was het natuurlijk feest, het hele bestuur van het RK thuisfront op bezoek. We hebben samen een borreltje gedronken. De volgende morgen ben ik meegegaan naar de kerk. Drie jaar van huis is een hele tijd hoor! Mijn vader zei altijd: “Ik hoop nog mee te maken dat al mijn kinderen getrouwd zijn.” Mijn vrouw heb ik na mijn terugkomst leren kennen. In januari 1955 zijn we getrouwd en mijn vader is in april 1955 overleden.'

Auteur:Ewout van der Horst
Trefwoorden:Indiëgangers, Thuiskomst
Personen:Gerrit Daggenvoorde
Periode:1950
Locatie:NL

Locatie op kaart