MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Joods leven in Twente en aangrenzend Duitsland, 1930-1960

Verhaal

Froukje Demant verrichtte aan het Duitsland Instituut – dat is verbonden met de Universiteit van Amsterdam – het promotieonderzoek Joods leven in Twente en aangrenzend Duitsland, 1930-1960. Zij interviewte daarvoor joodse personen uit Twente, het Munsterland en het graafschap Bentheim, maar ook hun vroegere (niet-joodse) buren en klasgenoten.

Met haar onderzoek hoopt zij meer te weten te komen over het leven van alledag in dit gebied vóór, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Veel van haar vragen kunnen alleen worden beantwoord door interviews met mensen die deze periode hebben meegemaakt. Want allerlei facetten van het dagelijks leven, bijvoorbeeld hoe het contact met de buren was, zijn nauwelijks vastgelegd en ook niet te vinden in archieven.

Verhalen aan tafel

In het Nederlandse grensgebied bestond het grootste centrum van joods leven in Enschede, waar de joodse gemeenschap vóór de oorlog ongeveer 1500 leden kende. Ook aan de Duitse zijde van de grens leefden Joden, maar hier bestond het joodse leven meestal uit kleine gemeenschappen met een eigen synagoge en begraafplaats. In bijna elk dorp leefden wel enkele joodse gezinnen, die vaak familie over de grens hadden.

Na de machtsovername van Hitler in de jaren dertig vluchtten veel Duitse Joden naar Nederland, omdat hun leven thuis steeds moeilijker werd gemaakt. Zeker na de Kristallnacht van 9 op 10 november 1938 nam de vluchtelingenstroom toe. In heel Duitsland werden toen Joden aangevallen, synagoges werden in brand gestoken en winkels en bedrijven van Joden vernield. Ook joodse huizen, scholen,  begraafplaatsen en ziekenhuizen moesten het ontgelden. In verschillende plaatsen in Nederland werden joodse hulpcomités voor de vluchtelingen opgezet, zo ook in Oldenzaal en Enschede. Sommige verdrevenen werden voor enkele nachten bij mensen thuis ondergebracht en reisden daarna door. Maar er waren ook vluchtelingen die langer bleven. In hoeverre drongen de verhalen van de vluchtelingen over de gruwelijkheden die zij hadden meegemaakt door? ‘Veel te slecht eigenlijk’, vertelt Henk van Gelderen, geboren in 1921. ‘Toen kwamen de verhalen die je niet wou horen, die je niet voor waar wílde houden. Over hoe ze uit hun huis werden gehaald en hoe ze familieleden terugzagen na een concentratiekamp. Voor zover die terugkwamen...

Wij hadden in 1939 mensen in huis die precies wisten wat er in de kampen gebeurde. Het ene verhaal was nog naarder dan het andere. En dat werd aan tafel verteld. Ik heb die verhalen gehoord en mijn ouders ook, maar ze werden door ons als overdreven gezien.’ Toch gingen de ontwikkelingen in nazi-Duitsland niet ongemerkt voorbij in Enschede. Van Gelderen: ‘Ik merkte daar pas iets van in de hogere klassen van de middelbare school, eind jaren dertig. Daar liepen een paar nazi-gezinde jongens rond met een hakenkruis op hun mouw. Op een dag kwam een van hen naar mij toe. Hij zei: ‘Als wij aan de macht komen, knopen we jou als eerste aan de hoogste boom.’ Dit is echter een extreem voorbeeld van antisemitisme in het vooroorlogse Twente. De meeste mensen vertellen juist dat zij weinig tot niets merkten van anti-joods gedrag.

Veel Joden geloofden dat ze in Nederland veilig waren. Nederland zou neutraal blijven, net als in de Eerste Wereldoorlog. Een mevrouw uit Enschede vertelt over haar broer die zei: ‘Laten we weggaan, dit is niet goed.’ Maar haar vader en moeder zeiden: ‘Ja maar, we kunnen de koeien toch niet zo maar in de weide laten lopen? We kunnen het huis toch niet in de steek laten?’ ‘Zo werkte dat. Hadden ze maar wel naar ’m geluisterd. Toen de invasie in Nederland kwam, was het middenin de nacht. Toen we ’s ochtends om vier uur wakker werden van het schieten, zaten de Duitsers in Nederland en kwam je niet meer weg. Mijn broer is later opgepakt.’

In Twente vond al in september 1941 een grote razzia plaats: ruim honderd joodse mannen werden opgepakt en naar Mauthausen gedeporteerd. Enkele maanden later waren ze allemaal omgekomen. Iedere joodse familie in Twente verloor wel een vader, broer of oom.

Parallelle levens

Herbert Zwartz uit Enschede en Klaus-Otto Bendix uit Dülmen hebben veel gemeenschappelijk: beiden zijn in 1928 geboren, beiden waren de zoon van een textielfabrikant. Ook zijn ze beiden nazaat van de bekende joodse textielfamilie Spanjaard uit Borne, en dus zijn ze verre familie van elkaar. Zwartz heeft de oorlog doorgebracht in de onderduik. ‘Ik zat samen met mijn vader ondergedoken. We zaten bij een textielarbeider in huis, een spinner. Het huis leende zich goed voor de onderduik. In het voorhuis had vroeger een café gezeten en in de gang was er een schuilhok voor de clandestiene jenever. Dat luik stond altijd open. Twee keer is er een inval door de Duitsers geweest, je hoorde al van verre: Aufmachen! Wij snel in dat hok, plank eroverheen, kleedje erover. Twee zoons van het gezin gingen snel in ons bed liggen, zodat het niet opviel dat de bedden warm waren. We zijn daar twee jaar geweest. Al mijn studieboeken waren er van tevoren heen gebracht. Ik heb elke dag gestudeerd en heb daardoor gelukkig maar een jaar studie-achterstand opgelopen.’

Bendix heeft een andere achtergrond, omdat zijn vader zich aan het begin van de eeuw tot de evangelische kerk had bekeerd. ‘Mijn vader bekeerde zich en is met een christelijke vrouw getrouwd. Ik ben dan ook christelijk grootgebracht en wist helemaal niets van het Jodendom. Mijn vader stierf toen ik nog heel jong was en mijn moeder heeft toen de leiding van de fabriek overgenomen. We hadden geen enkel contact met Joden.’ Toch kreeg ook de familie Bendix onder het nazi-regime problemen. Bendix en zijn broers werden als half-joden aangemerkt en van school gestuurd. Moeder Bendix kreeg met veel pesterijen te maken vanwege haar overleden joodse echtgenoot en moest zich in allerlei bochten wringen om de fabriek te kunnen laten draaien. Uiteindelijk werden de broers in september 1944 opgepakt en in een steengroeve nabij Kassel te werk gesteld. Het lukte hen om in maart 1945 te vluchten en zo het transport naar een concentratiekamp te ontlopen. De meeste joodse inwoners konden echter niet ontkomen.

In veel dorpen in het Munsterland en het graafschap Bentheim was het joodse leven na 1945 geheel verdwenen. In sommige plaatsen herinnert een herdenkingsplaat aan de synagoge die er vroeger heeft gestaan of is de oude joodse begraafplaats nog te bezichtigen.

In Enschede bleek de synagoge de bezettingstijd relatief ongeschonden te hebben doorstaan en werd deze na de bevrijding weer in gebruik genomen. De overlevenden bouwden hun leven zo goed en zo kwaad als het ging weer op. Velen van hen  hoorden pas later over het lot van hun familie en vrienden. Het was een moeilijke tijd. ‘Van mijn grote familie van zowel vaders- als moederskant heeft één neef het overleefd,’ vertelt Nettie Manasse-de Leeuw, geboren in 1923. ‘We kenden natuurlijk niet iedereen, maar we kenden wel veel mensen binnen de joodse gemeente. Je blijft je afvragen: waarom heb ik het overleefd en zij niet?’

Documentatiecentrum in synagoge

De synagoge in Enschede is volgens velen de mooiste van Nederland. Dit unieke gebouw – een rijksmonument – uit 1928 is eind jaren negentig gerestaureerd. Sindsdien wordt het geëxploiteerd door de seculiere Stichting Synagoge Enschede (StSE). Nog altijd is het gebouw het gebedshuis van de Nederlands Israëlitische Gemeente Twente. Daarnaast probeert de StSE het een ruimere maatschappelijke functie te geven en organiseert ze activiteiten voor een breed publiek.

In 2011 is er in de synagoge in Enschede een joods documentatiecentrum geopend. De nadruk ligt op de geschiedenis van de joodse gemeenschap in het grensgebied Overijssel-Noordrijn Westfalen.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in het tijdschrift MijnStadMijnDorp 2011, nr. 2.

Auteur:Froukje Demant
Trefwoorden:Religieus leven in overijssel, Religie, Jodendom, Joden, Overijssel WOII, Shoah, Kristalnacht
Personen:Herbert Zwartz, Klaus-Otto Bendix
Periode:1930-1960
Locatie:Twente
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand