MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de Provincie Overijssel.

Herberg 't Zwarte Paard Varsen

Verhaal

Herbergen langs de Hessenweg

Dortmansvoorde of de herberg Het Zwarte Paard.

De Naam

Al in 1457 komen we Dortmansvoorde(Dortmersvoerde) tegen in de buurtschap Varsen. En nog steeds is deze prachtige boerderij te zien als we over de grote weg van Dalfsen rijden. Direct als we de gemeentegrens van Ommen, De Stouwe, passeren zien we aan de rechterkant de boerderij. Als we naar de naam kijken zien we als uitgang “voorde”. Dit betekent een doorwaadbare plaats. In een tijd dat er geen bruggen waren werden deze voordes plekken van bedrijvigheid. Er ontstonden hele plaatsen rondom. Kijk maar naar plaatsnamen als Voorthuizen, Koevorden en Oxford.  Als we de plaats van deze boerderij in ogenschouw nemen zien we dat de ligging aan de Hessenweg en aan de Stouwesloot, het grenswatertje tussen Leusen en Varsen zien we ook hier een belangrijk verkeersknooppunt. Logisch dat hier op de grens een herberg werd gebouwd. Ook het eerste deel van de naam heeft met water te maken. Denk maar aan dort van Dortmund. De monding van de Dort of Dordrecht. Ook in Overijssel heb je een beekje de Dorth onder Delden.

Dortmansvoorde was eigendom van de heer van de havezate Arendshorst. Er wordt ook steeds gesproken, dat Dortmansvoorde “in” de Arendshorst lag. De herberg was net als de Arendshorst zelf leenroerig aan de proosdij van Lebuinus te Deventer. Wel had het een eigen aandeel, een whaardeel, in de marke van Varsen + een halve driefwhaar.

De naam het “Het Swarte paerd” komen we voor het eerst tegen op 26 mei 1757. De naam is later overgenomen door een cafe in Ommen. Wanneer en hoe dit café aan haar naam is gekomen is ons niet bekend.

De Stouwe.

Wellicht heeft ook hier tussen Leusen en Varsen een stroompje uit het veen gelopen met deze naam. Het is in ieder geval een natuurlijke grens tussen de beide marken. Er heeft altijd een stroompje uit de venen gelopen vergelijkbaar met de Reest. Onder de Arendshorst kwam het in een meer, Het Holtenmeer. En van hieruit kwam het met een overloop in de Vecht terecht, bijna ter hoogte van Vilsteren. De visserij in dit meer kwam toe aan de Heren van de Arendshorst.

Al in 1650 hebben de boeren van Leusen dit stroompje uitgegraven en er een echte waterlossing van gemaakt. Er werd zo een verbinding gemaakt met de Beentjesgraven, die verbinding had met Hasselt. Zo kon Leusen zich sneller ontwikkelen dan de Ommer marken. We zien daarom ook extra grote boerderijen als Alteveer op het Oosterveen. De eigenaren van Varsen waren niet direct blij met dit graven van de Stouwesloot. In 1658 komt er een rapport waarin aangegeven wordt dat de sloot weer waterlossing weer moest worden gedempt en ingesmeten. Het had teveel nadeel voor de visserij op het Holtemeer. Uiteindelijk na nader conferentie komt het er niet van. In 1712 wordt hij nog verdiept en de Stouw nog verder verzwaard. In 1719 komt de kwestie van de Stouwe nog weer op de agenda van de buurtschap Varsen. Nu wordt gezegd dat de kwestie waarvoor men zich zo druk heeft gemaakt kan rusten omdat de nature van de grond zelf voor die van Varsen heeft gepleit. Wat er precies gebeurt is, blijft onduidelijk maar waarschijnlijk bleef de drempel van het Holtenmeer naar de Vecht gespaard vanwege aanvoer van nieuw materiaal uit het veen.

Griete Joosten.

In 1602 horen we voor het eerst dat Dortmansvoorde die herberg is van Gert Rengers. Hier vonden de markevergaderingen plaats van de boerschap Varsen, maar het was ook een belangrijke aanlegplaats voor kooplieden en andere personen die via de Hessenweg op doorreis waren.

=========================================

Voor het hele verhaal zie PDF.

Digitaliseren Embed
Digitaliseren
Embed