MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Terug naar toen: veilig voedsel achter glas

Verhaal

Terug naar toen: veilig voedsel achter glas

Eeuwen lang werd voedsel bewaard om de winter door te komen. Dit conserveren gebeurde door het te drogen, te roken of door het inleggen in zout, zuur, suiker of alcohol. In het Wijhes Museum vertellen vier weckflessen dat vroeger ook groente en fruit werd ingemaakt.

De oogsttijd bezorgde iedere huismoeder vroeger handenvol werk. Zodra groenten en fruit van het land kwamen, was het tijd om deze in te maken, wilde het gezin de winter goed doorkomen. Vooral de oudere generatie zal zich nog herinneren hoe een grote, zinken weckketel vol flessen op het vuur stond te pruttelen. In het deksel was er een opening voorzien om een thermometer in aan te brengen. Binnenin zat een speciale houder. Daarop stonden de weckflessen. Daarna werden de flessen met inhoud urenlang gekookt. Zo werden ze steriel en konden ze lange tijd bewaard worden.

Het inmaken, het verhitten van luchtdichte potten, is in 1856 uitgevonden door de Franse legerkok François Appert. De Duitser Johann Weck gebruikte in 1900 hier als eerst een glazen pot voor en verbond de naam Weck aan deze methode. Omdat de aanschaf van weckpotten en weckketel duur was, gingen in ons land pas vanaf 1920 de mensen geleidelijk over op wecken.

Op de etiketten van de vier weckpotten uit Wijhe staat:

- Snijbonen, 2 l., eind jaren ’50, mevr. Baerends.

- Kersen, 1 l. en 1,5 l., 1936, mevr. A.S. Weijenberg-Kohlbrugge.

- Stoofperen, 1 l., 1945, mevr. Gerrigje Jansen.

De glazen potten zijn al jaren oud en de inhoud ziet er overigens nog goed uit.

 

 

 

 

 

 

Auteur:Rondom de Toren, nr. 86, 2010
Trefwoorden:Huiselijk leven, Wecken, Wijhes Museum