MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Overijssel soeverein (1578-1795)

Verhaal

Het zelfstandige gewest Overijssel maakt in de 17de en 18de eeuw deel uit van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. De leden van deze federale statenbond opereren gezamenlijk op het gebied van oorlog en buitenlands beleid, maar verder is elke provincie soeverein.

De Overijsselse regering wordt gevormd door de Staten, waarin vertegenwoordigers van Ridderschap en Steden zitten. De Ridderschap bestaat uit edellieden die op grond van bepaalde vereisten in de Landdag, zoals de Statenvergadering wordt genoemd, mogen verschijnen. De Steden zijn de drie hoofdsteden Deventer, Kampen en Zwolle. Zij sturen afgevaardigden uit de magistraat naar de bijeenkomsten van de Staten. De kleine steden en ‘gewone’ bewoners van het platteland blijven verstoken van politieke invloed. Verzet tegen de heersende regentenkliek steekt geregeld de kop op, maar krijgt pas door het ontstaan van de patriottenbeweging in het laatste kwart van de 18de eeuw een structureel karakter. In 1795 valt na het binnenvallen van troepen uit het revolutionaire Frankrijk niet alleen het doek voor het stadhouderlijk bewind, maar ook voor het traditionele bestuur van Ridderschap en Steden van Overijssel.

Reformatie

Na de Reformatie is de Hervormde Kerk, die op veel ondersteuning van de overheid kan rekenen, allesoverheersend in Overijssel. Andere gezindten, en met name de rooms-katholieken, wordt het onmogelijk gemaakt hun godsdienst in het openbaar uit te oefenen. Toch blijft vooral in Twente een groot deel van de bevolking trouw aan de Moederkerk. Vanaf het einde van de 17de eeuw leven de autoriteiten de beperkende maatregelen tegen dissenters minder streng na. Dat neemt niet weg dat niet-hervormden tot 1795 stelselmatig worden gediscrimineerd. Ze mogen bijvoorbeeld geen openbare functies vervullen.

Gouden Eeuw

De Gouden Eeuw gaat voorbij aan Overijssel, dat als het minst draagkrachtige gewest van de Republiek wordt beschouwd. De hoogtijdagen van de handel keren niet meer terug. Voor de meeste Overijsselaars is de landbouw de belangrijkste bron van bestaan. In het Land van Vollenhove verdienen velen met de turfwinning hun brood, terwijl in Twente de op basis van de huisindustrie uitgeoefende textielnijverheid steeds belangrijker wordt. In de loop van de 18de eeuw neemt in Overijssel evenals in de rest van het voortsukkelende Nederland de armoe gestaag toe. Ook dit onbehagen over de economische toestand draagt bij aan de opkomst van de patriottenbeweging.

Auteur:Jan ten Hove
Trefwoorden:Reformatie, Gouden Eeuw, Ridderschap, Steden
Periode:1578-1795
Locatie:Overijssel
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand