MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Kinderen in de Tweede Wereldoorlog: de herinneringen van Jan Kassies

Verhaal

Jan Kassies was vijf jaar toen de oorlog uitbrak in 1940. Hij woonde in Zwolle en ging op dat moment naar de Da Costa School in de Hortensiastraat in Zwolle, nu de Christelijke Basisschool “Het Mozaiek”. Tegenwoordig woont Jan Kassies, als John Kassies, in Stouffville (Ontario, Canada).

Het begin van de oorlog

Ik herinner mij nog het begin van de oorlog. Mijn moeder zei dat een oorlog was uitgebroken met Duitsland. Wij bleven daarom thuis van school. Ik was nog te klein om te begrijpen wat oorlog betekende. Maar het was wel iets ergs, dat merkte ik wel. En het leven veranderde. 

Ik heb veel herinneringen aan de oorlog en de jaren daarna: het tekort aan kleding, eten, verwarming, dichte scholen, de bezetting, de gefusilleerde mensen, NSB, onveiligheid, razzia’s voor mannen, onderduikers, joden en fietsen, de gelukkige tijd met de bevrijding, de Canadezen die ons bevrijdden, witte brood, chocolade, sinaasappelen en ander mediterraans fruit en later, na de oorlog, aan de Nederlandse soldaten naar Indonesië. De kost aan mensenlevens en waarvoor?

Duitse soldaten

De Da Costa school was gevorderd door de Duitsers en we hadden school in de Zuiderkerk en De Dageraad op de Molenweg. Twee keer per week had je school voor een paar uur en werd het huiswerk opgepakt en uitgedeeld. De Duitse soldaten hadden groene uniformen, bruinachtige uniformen en zwarte uniformen (SS) en je paste er voor op om hun niet in de weg te liggen. Een buurjongen kreeg een kogel door zijn been en werd er mank van. Ze hadden een speciale geur over zich, aten kuch, een zuur ruikend brood, en dit probeerden we ook wel te gappen. Ze hadden ook scholen bezet op het Assendorperplein, dus ze waren altijd in de buurt waar wij woonden. Als ze aan het oefenen waren met marcheren zongen ze vaak. Wij deden hen na, maar zongen Nederlandse heldhaftige versjes zoals Piet Hein.

Joden

Om de hoek in de Eendrachtstraat woonde een Joodse familie. Alle leden van deze familie droegen een Davidster. Tijdens de oorlog werden zij opgepakt en we hebben deze mensen nooit weer gezien. We hebben ook de vrachttrein gezien waar de Joden werden ingestopt voor transport naar concentratie kampen in Duitsland etc. We konden dat zien vanuit de Veerallee. Dat bruggetje over het kanaal was afgesloten.

Ik wist wel dat er iets ergs met de Joden gebeurde, alleen al dat ze uit hun huizen gehaald werden en naar een concentratiekamp gestuurd. Maar toen was het niet bekend, in ieder geval niet voor mij, omdat ik zo jong was, dat ze omkwamen door de gruwelijke massamoorden, die in de miljoenen liepen. Het is nog onvoorstelbaar dat de mens zo laag kan vallen om dat te doen. 

NSB en oorlogsgeweld

Je vertelde niemand wat er in en om je huis omging. We hadden een NSB-familie in onze Bloemstraat wonen en je paste er voor op om geen heibel met hun te maken. Hun vader was naar het Oostfront, en een zoon was bij de Hitler jeugd. Bij de bevrijding werd deze NSB-familie opgepakt en we hebben ze nooit meer gezien.

In onze straat werden ook een keer drie buurmannen ‘s nachts opgepakt.  Eén van deze buurmannen, meneer Van de Gronde is nooit weer teruggekomen. De andere twee werden na een paar dagen losgelaten. De vader van een schoolvriend werd ook gevangen door verraad en gefusilleerd. Hij werkte in de ondergrondse. Ik heb ook vijf mannen zien liggen, die de Duitsers gefusilleerd hadden, langs de Meppelerstraatweg op 31 Maart 1945 vroeg in de morgen, toen ik op weg was naar Balkbrug. Dat was iets heel ergs. Verder heb ik het bombardement meegemaakt op de Groeneweg bij de Anjelierstraat. 

 

1944-‘45

De Mastenbroekerpolder was onder water gezet en de rivier het Zwarte Water was aan de andere kant. Heel koud en harde wind in de winter van 1944-'45. We gapten houten kistjes en kolen bij de veiling op de Deventerstraatweg voor brandstof. Verder hielpen we mensen uit het Westen met hun winter slees tot aan de IJsselbrug en hopelijk kwamen ze met hun voedsel weer goed thuis. Ik haalde twee keer in de week zes liter melk bij Hasselt op de dijk bij boer Buisman en boer Kloosterziel. Daarbij kreeg ik vaak ontbijt bij boer Kloosterziel: karnemelkse pap met bruine bonen. Als tegenprestatie hielp ik mee met de gruppe schoon te maken achter de koeien die op stal stonden. Ik ging ook geregeld naar Nieuwleusen, Balkbrug, Genemuiden, Dalfsen om voedsel te halen.

Mijn jongere broer ging één keer in de week naar Windesheim om melk te halen. Het kasteel Windesheim werd in 1944 gebombardeerd door de geallieerden, nadat verzetsmensen hadden doorgegeven dat er zich toen een Duitse generaal met zijn staf in gevestigd had. Deze was echter net enkele uren voor het bombardement vertrokken, zodat het huis voor niets verwoest is. Mijn broer en ik hebben het kasteel zien afbranden, toen we appels haalden met een handwagen.

 

De bevrijding

Vandaag (14 april 2008), bij toeval dat ik dit schrijf, is het 63 jaar geleden dat Zwolle werd bevrijd. Ik zag de eerste Canadees in de Enkstraat op de schouders van burgers met een fles wijn in zijn hand. Ons hele leven veranderde en wat was iedereen gelukkig. Grote buurt feesten overal op het Assendorperplein, op de Groeneweg met optochten erbij. Ik herinner me nog een regel van het liedje: Zwolle vrij, Zwolle blij !!!
 

Auteur:Jan Kassies
Trefwoorden:Tweede Wereldoorlog, Kinderen, Overijssel WOII
Personen:Jan Kassies
Periode:1940-1945
Locatie:Salland, Zwolle gemeente
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand