MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Pension Brummer in Almelo

Verhaal

Iedere samenleving kent door de eeuwen heen zijn daklozen. Mensen die om wat voor reden dan ook de boot gemist hebben. Nu is het juist deze groep waarover wij weinig weten. Dit komt hoofdzakelijk omdat zij veelal niet konden lezen of schrijven en daarom geen geschreven bronnen hebben nagelaten. De enige bronnen van informatie zijn de administraties van de zogenaamde armenhuizen of instellingen van weldadigheid, die de daklozen ondersteunden.

In eerdere afleveringen gingen wij al in op de historie van het St. Anthony Gasthuis en de Almelose Provisorie. Beide ‘instellingen’ werden hoofdzakelijk door de kerken, de overheid en door middel van giften van particulieren gefinancierd. Met behulp van de schaarse bronnen zijn we in staat een deel van de historie van de armengestichten te achterhalen. In het archief stuitte ik onlangs op een paar leuke bronnen betreffende het logement van Brummer.
In 1949 kwam er in Almelo een zogenaamd volkslogement door een particulier initiatief tot stand. Op 22 oktober 1949 tekende Piet Brummer een huurcontract met de NV. Stoomspinnerij Twenthe voor de huur van een pand aan de Haven Zuidzijde 38. Vanaf 1 november 1949 opende Brummer hier zijn logement. In 1956 zegde de Stoomspinnerij de huur van het pand op, omdat zij in verband met uitbreidingsplannen de beschikking wilde hebben over het logement van Brummer.
Inmiddels was het logement van Brummer een belangrijke rol gaan vervullen bij de opvang van daklozen. In samenwerking met de Gemeentelijke Dienst voor Sociale Zaken slaagde Brummer er in om ‘geheel ontspoorde lieden weer tot een zekere aanpassing te brengen.’ Volgens de directeur van de Dienst Sociale Zaken was in het logement sprake van ‘liefdevolle zorg voor de mislukkelingen die hier als een soort uitschot van de maatschappij samenspoelen.’ De directeur was van mening dat het logement onmisbaar was voor de Almelose samenleving. Mensen die nergens ondergebracht konden worden vonden altijd wel een pek bij het logement van Brummer. In het logement verbleven per nacht gemiddeld 40 tot 45 daklozen. Op deze plek kon de Dienst voor Sociale Zaken mensen goedkoop en doelmatig onderbrengen. Nu het logement aan de Haven ZZ dreigde te verdwijnen sprong de Gemeente Almelo in de bres voor Brummer en ging hem helpen bij het vinden van een nieuw onderkomen.
Ook de Stoomspinnerij deed pogingen om Brummer een ander onderkomen aan te bieden. De Spinnerij legde contact met het logement van Zoetman aan de Bornsestraat 21. Dit logement had echter een slechte naam omdat de bewoners hier veelal dronken aan de bar hingen, terwijl de gasten van Brummer juist werden aangemoedigd geen drank meer te nuttigen. Bovendien verkeerde het pand aan de Borsestraat in een slechte staat van onderhoud. De bemiddeling van de Stoomspinnerij liep dan ook op niets uit.
De oplossing kwam in 1959 toen de Gemeente Almelo de heer Brummer een perceel op de hoek Bakenstraat / Kanaalgang voor een bedrag van 6.550 gulden aanbood. Op dit perceel zou de heer Brummer een nieuw pension kunnen bouwen. Om de heer Brummer in de kosten tegemoet te komen stelde de Gemeente Almelo hem 6.000 gulden beschikbaar. Op haar beurt schonk de Stoomspinnerij de heer Brummer een bedrag van 10.000 gulden als bijdrage voor de bouw van een nieuw logement.
In 1960 werd begonnen met de bouw van het logement aan de Bakenstraat 8. Het pand bestond uit 23 pensionkamers en 3 toilet- en doucheruimten.
In verband met de sanering van de binnenstad werd logement Brummer in 1978 door de Gemeente Almelo aangekocht. De nog aanwezige bewoners werden onder andere in het pas opgerichte huize Tibertius aan de Brugstraat ondergebracht. In 1979 viel het logement aan de slopershamer ten prooi.

Trefwoorden:Pension Brummer, Pension, Logement, Daklozenopvang, Dienst sociale zaken, Nv stoomspinnerij twenthe
Personen:Piet Brummer, Zoetman
Periode:1949-1979
Locatie:Almelo