MijnStadMijnDorp is een project van Historisch Centrum Overijssel en is mede mogelijk gemaakt door de provincie Overijssel

Vollenhove: Het komen en gaan van Meester Hamer

Verhaal

Vollenhove: Het komen en gaan van Meester Hamer

Toen Bert Hamer 29 jaar onderwijzer was op de School met den Bijbel in Vollenhove, kwam hij voor een keuze te staan die een grote invloed zou hebben op zijn verdere leven. Er was een teveel aan personeel en door de afvloeiingsregeling moest een jongere collega de school verlaten. Moest Bert een stapje terug doen om ruimte te maken of koos hij voor zijn grote passie?

Er komt een grote groep kinderen aanfietsen. Ze gillen, praten opgetogen en klingelen luid met hun fietsbellen. Meester Hamer loopt naar buiten. Glimlachend bekijkt hij de kinderen door zijn grote, vierkante bril. De kerkklok slaat zeven keer; tijd om te gaan. Achterop zijn fiets heeft meester Hamer een dikke stapel boeken gebonden. De Elsevier-encyclopedie, Geografie voor Natuurvrienden met rijke illustraties en natuurlijk zijn eigen aantekeningenboekje. 

 

 

‘De meeste kennis doe je op door zelf de natuur in te gaan,’ leert Bert Hamer zijn leerlingen.

De leerlingen smullen van de verhalen en zijn net als hun meester leergierig en benieuwd naar wat de natuur allemaal te bieden heeft. In de tijd dat de avonden weer lang zijn, verzamelen ze elke woensdagavond om iets voor zeven bij het huis van meester Hamer. Dan gaan ze tot uiterlijk negen uur op ontdekkingsreis, want de kinderen mogen niet te laat naar bed. De volgende morgen in de klas wordt steevast de vorige avontuurlijke avond besproken.

Bert Hamer houdt van de natuur. Hoe meer hij erover leest in al zijn boeken, hoe interessanter het wordt. Inmiddels kan hij veel bomen, planten en paddenstoelen bij naam noemen.

Elke zondag in de Hervormde Kerk staat hij stil bij de grootheid van God en precies die grootheid ziet hij terug in de natuur. Het doet hem beseffen hoe klein hij is als mens op de aarde. Alles wat hij ziet is gemaakt door God. Van de kleinste morielje tot aan de grootste en dikste eik.

Bert werkte een aantal jaren met alcoholverslaafden in de Amsterdamse Jordaan, maar voelde in zijn hart dat hij meer geschikt zou zijn als onderwijzer op een basisschool.

Hij deed een verkorte opleiding tot onderwijzer in Harderwijk en haalde in 1956 zijn diploma. Hamer verstuurde twee sollicitaties: één naar een niet-christelijke school en één naar de School met den Bijbel in Vollenhove, het kleine stadje aan de voormalige Zuiderzee. Op die laatste school werd hij tot zijn grote vreugde aangekomen.

 

 

Bert zocht onderdak in Vollenhove, zijn nieuwe woonplaats. Veel geld had de jonge Hamer nog niet. De familie Gerrits hoorde van de komst van de nieuwe meester en bood hem spontaan kost en inwoning aan. Bert spaarde flink in die tijd, want hij wilde graag trouwen met zijn verloofde Anneke, een knappe verpleegster uit Amsterdam. 

Hij kende Anneke van zijn tijd als hulpverlener in Amsterdam. Ze gingen naar dezelfde Bijbelkring waar een vriendschap tussen de twee ontstond. Vanuit deze basis kreeg het stel een relatie. Ze konden niet bij elkaar wonen, want ze waren immers nog niet getrouwd.

Iedereen op de School met den Bijbel wist van het liefje van meester Hamer. De leerlingen vonden haar interessant, want zij had het hart van hún meester veroverd. Anneke ging zelfs een keer mee op schoolreisje. Met de trein ging ze vanuit Amsterdam naar Zwolle, waar de bus met haar verloofde en zijn leerlingen langs zou komen.

‘Als verrassing voor Bert’, had de hoofdmeester gezegd toen hij Anneke belde en vroeg om mee te gaan. 

Een paar jaar later trouwden Bert en Anneke. Hamertje Tik en Juffrouw Nijptange, zoals de leerlingen het stel gekscherend noemden. Waar deze benaming vandaan kwam was de Hamers een raadsel, maar ze konden het wel waarderen.   

De bruiloft vond plaats in Genemuiden, waar de vader van Anneke dominee was in de Hervormde Kerk. Het was koud die dag; het had flink gevroren. De collega’s en leerlingen van Bert waren uiteraard ook uitgenodigd en wilden niets missen van de grote dag. Ze gingen met de bus naar de Noorder om vervolgens met het pontje naar Genemuiden te varen. Het Zwartewater was echter dichtgevroren, dus ging de grote groep belangstellenden te voet over het ijs naar de overkant, waar ze regelrecht de warme kerk inliepen. Anneke’s vader had de eervolle taak het jonge en gelukkige stel de onmisbare zegen van God mee te geven.

28 december 1961 werd een dag om nooit te vergeten. Het was een van de weinige dagen in het leven van Bert Hamer waarop hij zelf in het middelpunt stond. Hij wilde niet geëerd worden om wat hij deed en om wie hij was, want hij deed wat hij in zijn hart voelde. Precies dat was wat Bert Hamer meester Hamer maakte. Onbaatzuchtig en een groot hart voor God, de natuur en zijn naasten.

 

 

Bert Hamer werkt al zo lang op de school, dat hij door zijn veelal jongere collega’s als vertrouwenspersoon wordt gezien. Zo ook door Leendert Verbaas. Hij is pas een paar jaar werkzaam als onderwijzer op de School met den Bijbel. Het aantal leerlingen op de school stagneert en er moet een onderwijzer weg vanwege te hoge personeelskosten. Verbaas is als laatste bij de school gekomen en door de afvloeiingsregeling moet hij de school als eerste weer verlaten.

‘Ik weet niet wat ik moet doen, Bert. Mijn kinderen… Ze zijn nog zo jong en ik weet niet waar ik zo snel weer aan de slag kan als onderwijzer’.

Verslagen kijk Leendert op naar Bert, die peinzend over zijn kin heen wrijft.

‘Leg het bij de Heer neer jongen, hij zal je zorgen wegnemen.’

Zijn eigen kinderen kregen les op de School met den Bijbel. Zijn collega’s zijn Bert Hamer ontzettend dierbaar en de leerlingen zo mogelijk nog meer. Een deel van zijn hart ligt bij de school.

 Is het nu tijd? Tijd om plaats te maken voor een jonge generatie, die ook jaren aan de school verbonden zal zijn? Een generatie die op een dag besluit om plaats te maken voor een weer jongere generatie?

Negenentwintig jaar onderwijzer. Een flink deel van de geschiedenis van de School met den Bijbel heeft hij meegemaakt. Toen de school net begon, waren er maar een paar klasjes. De school is zo hard gegroeid dat in 1974 de school moest verhuizen naar een groter gebouw. Er moesten lokalen bijkomen, er moest een groter schoolplein komen en elke klas kreeg zijn eigen leraar. Niet langer hoefde Bert Hamer zo’n vijftig kinderen tegelijkertijd les te geven. De klassen werden gevuld met een maximum van dertig leerlingen.

Voor meester Hamer was er eigenlijk geen twijfel, maar hij moest het nog wel overleggen met zijn Anneke.

‘Bert, jij volgt altijd je hart’, had ze gezegd. ‘Je weet als geen ander wat je wilt, dus bid om kracht en maak een keuze die goed voelt voor jou. Ik sta altijd achter je.’

Na het gebed om wijsheid, de waardevolle instemming van Anneke en een vast vertrouwen in zijn beslissing, loopt Bert samen met Anneke door Vollenhove, op weg naar de familie Verbaas.

‘Dag meester Hamer! Dag mevrouw Hamer!’

Bert blaast de zojuist geïnhaleerde rook van zijn sigaret uit en groet vriendelijk terug. Het is voor alle onderwijzers aan de School met den Bijbel de normaalste zaak dat ze zelfs op straat met ‘juffrouw’ of ‘meester’ worden aangesproken. Zo gaat dat nu eenmaal in Vollenhove. Het hoort bij het stadje, dat wat betreft de hartelijkheid van de inwoners aanvoelt als een dorp. 

Als hij aanbelt ziet hij Leendert Verbaas voor het raam zitten. Zijn jonge collega staat op en loopt naar de voordeur. De verbazing is groot: ‘Bert? Anneke?’ Bert voelt zich sterk; hij heeft de juiste beslissing gemaakt. ‘Mogen we even binnenkomen, Leendert?’ vraagt hij kalm. Leendert stapt opzij en laat het echtpaar binnen. ‘Koffie?’ Hamer schept tot drie keer toe suiker in zijn koffie en schraapt zijn keel. ‘Leendert, jongen’, begint hij. ‘Jij hebt een vrouw en kleine kinderen om voor te zorgen, je bent in de bloei van je leven en je hebt de school nog zoveel te bieden. Ik ben al jaren onderwijzer en het is tijd om plaats te maken.’ Het echtpaar Verbaas kijkt met grote ogen van Bert naar Anneke. De Hamers zien ze denken: zou dit wel echt waar zijn? ‘Leendert,’ vervolgt Bert, ‘ik doe met liefde een stap terug, zodat jij kan blijven.’

 

 

Een paar weken later staat het in de plaatselijke krant: Collega Hamer besloot spontaan de plaats in te nemen van de jongere collega, die bovenaan de afvloeiingslijst stond en nu had moeten vertrekken. Welnu, dit tekent meester Hamer volledig.

‘Ik ben weg hoor!’ roept Bert naar zijn vrouw.

Elke dag genoeg tijd, genoeg te doen. Nog meer ontdekken, niet alleen van de natuur, maar ook van de grootheid van God. De God die hem en zijn gezin de kracht gaf deze beslissing te maken: vervroegd met pensioen. Met zijn boeken onder de snelbinders gebonden, fietst hij fluitend naar de natuur.

Sinds de verhuizing van de school in 1974 is de School met den Bijbel Het Kompas gaan heten. Leendert Verbaas is al jaren directeur van deze basisschool in Vollenhove.

 

Dit verhaal is op papier gezet door Evelien Overeem en is in het kader van het oral-history project van de School voor Journalistiek aan Hogeschool Windesheim tot stand gekomen.

 

Trefwoorden:School met den bijbel
Personen:Bert Hamer, Leendert Verbaas
Periode:1959-1988
Locatie:Vollenhove
0 annotaties

Annotaties

Er zijn nog geen annotaties op dit item

Plaats een annotatie

Velden met een zijn verplichte velden.

Soort
Titel
Bericht
Bestand